is toegevoegd aan uw favorieten.

Landbouwkundig tijdschrift; maandblad van het Nederlandsch Genootschap voor Landbouwwetenschap, jrg 50, 1938, no 609-610, 1938

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

hebben. Tevens wordt daardoor het probleem alzijdiger belicht. Het geven van richtlijnen en het fonnuleeren van wenschen is daarbij niet mijne bedoeling en ligt ook niet op mijn weg; de verdere ontwikkeling zal mijns inziens geheel aan den natuurlijken groei en de door de betreffenden zelf gevoelde behoeften moeten worden overgelaten, voor zoover niet van hoogerhand, vanuit een algemeen standpunt, richtlijnen worden aangegeven. De samenwerking tusschen autonome instellingen van toegepaste wetenschap kan bevorderd en georganiseerd worden door zez’eii maatregelen, die als volgt algemeen geformuleerd kunnen worden.

1. persoonlijk contact door bezoeken over en weer. 2. besprekingen tusschen de leiders. 3. besprekingen van besturen en leiders. 4. samenwerking op het gebied der publicatie’s. 5. bijeenkomsten van het wetenschappelijk personeel. 6. uitruil van periodieke verslagen over het werk. 7. uitruil van copieën van nota’s, adviezen en belangrijkste correspondentie. 1. Persoonlijk contact door bezoeken over en weer. De eerste der bovengenoemde maatregelen, het wederzijds bezoeken van eikaars instituut om contact te houden met het werk en om over verschillende punten te praten, is al zeer eenvoudig door te voeren. Toch mag wel eens onderstreept worden hoe gemakkelijk kleine misverstanden of opkomende wrijving weggenomen worden wanneer de levende, werkende, met hun problemen worstelende zoekers met al hun menschelijke eigenschappen met elkaar in contact komen. Men zou best den raad kunnen geven: steekt U iets in het werk vaneen collega of zusterinstituut, ga er dan even heen en praat eens over het werk: bijna altijd zal dan het misnoegen voor waardeering en sympathie plaats maken. In Indië zijnde wederzijdsche bezoeken zoo iets gewoons, dat deze niet als „maatregel” gevoeld werden; maar wel bleek er destijds overleg en een regeling gewenscht voor een consequentie daarvan. De bezoeken over en weer, b.v. van Java naar Deli, of van Oost-Java naar West-Java, beteekenden vooral in vroeger jaren heele reizen, en een bezoek werd dan ook altijd een tournee van verscheidene dagen of een paar weken. Na terugkomst vond de bezoeker vaak aanleiding om ineen reisverslag of ineen voordracht voor een plantersyergadering, dus in wij deren kring dan dien van vakgenooten, zijn bevindingen mee te deelen; daarbij kwam het dan wel voor, dat zijn indrukken onvolledig of zijn conclusie’s minder juist waren en dat hij op onvoldoende gronden tot beoordeelingen kwam. die onbevredigend of zelfs minder prettig waren voor de gastheeren, die hem zonder terughouding alles getoond en verteld hadden wat hij wenschte. Al gauw bleek dan ook als maatregel gewenscht de afspraak, dat de bezoeker zijn verslag of rapport eerst ter inzage zond aan het proefstation, dat hem ontvangen had, zoodat hij met eventueele opmerkingen of aanvullingen zijn voordeel kon doen. Een voortreffelijke maatregel, die voor eendaagsche bezoeken over en weer in ons land natuurlijk geen beteekenis heeft, maar die in ruimer verband de aandacht waard is.

193