is toegevoegd aan uw favorieten.

Utrechtsche studenten almanak voor ..., 1853, 1853

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

«Hoe kunt ge daaraan denken?” was de wedervraag. «Mij dunkt dat ge bij ’t minste nadenken zulk eene vraag niet zoudt gedaan hebben. Of wilt ge uw zoon aan allerlei gevaarlijke leeringen blootstellen, onverschillig of hij Groningen of de leer der Vaderen aan zal hangen.”

Oom sprong verschrikt op.

«De canones van Dort,” zeide hij plegtig.

«En zoo zal hij dan naar Utrecht gaan,” zeide tante.

STUDENT WORDEN.

«En jij hebt je kamers alweer verhuurd, hoor ik?”

«O ja en een besten heer hebhen we weerom gekregen, ’t mot een heele brave familie zijn, daar i uit is. De mevrouw is zelvers hier geweest en ze was zoo vrindelijk”

«En zijn ze rijk?”

«01 ja, ’t kwam er zoo op geen honderd gulden an, zei ze, als mijnheer ’t hier maar goed had.”

«Zoo, nou jij bent maar van de gelukkigen, ik kan mijn kamers maar niet verhuurd krijgen.”

«’t Is regt spijtig.”

Dit gesprek werd in het begin van de maand September gevoerd tusschen twee ploertinnen te Utrecht.