is toegevoegd aan uw favorieten.

Utrechtsche studenten almanak voor ..., 1854, 1854

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

pulaire toelichting der voornaamste punten, waar het algemeen van repte, door Prof. Visscher, een vijftiental collegiën van Prof Vreede te danken, over den aard en den oorsprong der Bisschoppelijke waardigheid en over de betrekking tusschen de Roomsche kerk en onzen Staat, zoowel in vroegere tijden, als overeenkomstig de grondwet. Ook ZHGeI. gaf ons dus een blijk van zijnen ijver voor de ontwikkeling onzer kennis, zoo als die in onzen tijd wordt gevorderd, en tevens van zijne groote belezenheid. Dezelfde staatskwestie noopte Prof. Royaards ons een extracollegie te geven over het verhand tusschen kerk en staat, zoo als dat in ons vaderland allerlei wijzingen had ondergaan. De Hoogleeraar opende zijne collegiën met een overzigt van de geschiedenis der theologie in de laatste 30 jaren.—• Misschien zouden wij een spoor van den vroeger aangegeven invloed der heerschende rigtingen onzes tijds, en hier hij name van het kerkelijk confessionalisme, mogen zien in het collegie van Prof Vinke over den Ileidelhergschen catechismus. Dorgelijke collegiën hebhen vooral practisch nut. Onder de privaat-collegiën behoort ook dat van Prof. van Hall tot practische oefening in de regtsstudie.

De Hoogleeraar de Geer begon in den nieuwen cursus van 1853/54 in een privatissimum de vruchten zijner studie der Hehreeuwsche taal, door het uitleggen van Jesaia, aan eenige daartoe uitgenoodigden medetedeelen. Zij roe-

13