is toegevoegd aan uw favorieten.

Utrechtsche studenten almanak voor ..., 1857, 1857

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

HORATIUS OD. 111, 10. '}

Aan Licinim.

Dan leeft ge rustig, beste vriend!

Wanneer ge noch de holle baren

Te doldriest tart noch in het varen.

Het strand te na blijft, bang voor wind.

Hij die de gulden maat bemint,

Is noch belust op strooijen daken.

Die bij de minste stormen kraken.

Noch op een marmeren gebint.

Die op de toekomst is voorzien,

Houdt hoop in nood vreest goede dagen.

En denkt God die de orkaan doet jagen.

Hij kan ze ook weer tot rust gebiên.

*) De derde strophe van ’t oorspronkelijke is met opzet niet vertaald, omdat die volgens de meening van den inzender voor ingeschoven moet worden gehouden.