is toegevoegd aan uw favorieten.

Utrechtsche studenten almanak voor ..., 1858, 1858

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

»Dan geef ik in dit geval die commissie gelijk dat zij I dit niet langer goedvindt, nu zij meent dat dit niet »behoorlijk is.”

• Ja doctor,” voegde hem in het voorbijgaan de heer S. toe, die het laatste gesprek had gehoord, i wie kaatst • moet den bal verwachten; de jongelui zijn zeer welle» vend en inschikkelijk voor hen die ze goed behandelen, • maar niet mak voor degenen die hen beleedigen, dit »weet ik nog uit mijn academietijd.”

Maar des doctors geduld was uitgeput; toornig greep hij zijn rotting, stampte er woest mede op den grond, nam zijn jas en vertrok al mompelende •. • vervloekte histo» rie voortaan oppassen neen, ik moet volhouden • de jongelui tegen mij in den Haag dergelijke histo• rie malle zaak vervloekte commissiel”

Ik liet den knorrepot zijn gemoed lucht geven, stond op en wandelde bedaard naar mijne kamer, waar een vriend mij wachtende was.

En nu, lezer! vraagt gij welligt, of er nog iets van die contra-partij kwam? of zij luisterrijk was? of ik er mij heb geamuseerd? Beter dan woorden kan de getrouwe voorstelling, door de baud van een mijner vrienden geschetst, er u een duidelijk denkbeeld van geven.

NB. Sla om en eie de teehening.