is toegevoegd aan uw favorieten.

Utrechtsche studenten almanak voor ..., 1862, 1862

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

waarachtig schor van ’t spreken , en mijne keel heeft eene spoeling uoodig.

En wij traden „ ons geliefkoosd Placet hic " binnen. – Ernst bestelde zijne spoeling en w'as als naar gewoonte in een oogenblik door vrienden en bewonderaars omringd; en ik? ik ging de kroeg eens rondzien, of ik er ook eenigen vond, die met de beschrijving van Ernst overeenkomst hadden.

Toen ik ’s andren daags als naar gewoonte eens bij Ernst kwam oploopen , vond ik daar ons beider vriend Storf in den gemakkelijksten fauteuil aohteroverliggende, de beenen zoo ver mogelijk uitgestrekt met een’ sigaar in den mond en een glaasje madera voor zich , tegenover hem zitten.

■— ,/Ha !" riep Ernst, „daar heb je hem ook; wel, kerel! je komt juist van pas; je weet dat ik gisteren met je over den niets-doener gesproken heb ? Welnu !" zoo voegde hij er lagchende bij , „ik heb er een exemplaar van opgedaan. Hè ! Storf, draai je gezigt een beetje naar Gus toe. Zie Gus ! daar heb je hem nu in levenden lijve, den grootsten niets-doener, dien de alma mater onder hare zonen telt."

B Geldt dat mij ? " riep Storf, terwijl hij een verwoed gezigt zette, en inmiddels zijn glaasje met madera vulde.

„Wien anders dan roi fainéant antwoordde Ernst