is toegevoegd aan uw favorieten.

Utrechtsche studenten almanak voor ..., 1863, 1863

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

We beginnen dan u te vertellen ,

Dat een harlekijn met zotskap en bellen,

(wat juist niet enkel dwaasheid doet veronderstellen)

En een bont pakje , waarvan ge de kleuren niet kunt tellen,

En een paar vreeselijke lange oorlellen ,

Waar hij het nog al tamelijk mee kan stellen,

Den heelen stoet te veel vooruit wil snellen

Tot groot pleizier van zekere dellen ,

Die de ordecommissarissen , zooveel ze kunnen , knellen

En op t einde van den avond een ongeregelden boel doen voor-

spellen.

Alsnu volgt er een groot personeel

van op ezels gezeten novicii, veel te veel.

om zoo maar in een adem op te noemen ,

die hun landerigheid niet kunnen verbloemen

en zich zelve loepen te verdoemen.

In de achterhoede dier ezels valt een grooie in ’t oog

waarop gezeten is anastasio de theoloog ,

en hoog

boven hem verheven zit Utrechts wijsgeer op zijn gemak,

op een oliphant in Spinozaa s costuum en zijn openingsrede

in zijn zak ,

om den duvekater geen lak!

In zijn handen dan houdt hij een koord

en trekt daarmede den ezel plus Anastasio voort;

die , na zijn zelfmoord ,

geheel en al van zijn sofisterij bekomen ,

in de rechtbank van den eerste?i aanleg heeft plaats genomen >

en zijn ijver om Opz. te hooren niet weet in te toomen.