Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

suburbio, che essi hanno nella citta, medesima di Utrecht, formano il N». di 1032, come si espose, e Ie famiglie, che costituiscono tal N". di anime saranno incirca 350, o 400 al piü. Dal che si deduce ancora quante poche anime in alcune famiglie civiche, che abitano la citta, si trovano, Riguardo poi alle famiglie de’ villaggi, che sono formate di un maggior N». di anime non potendosi procedere e calcolare colla stessa proporzione, convien diminuirlo il loro N».; e perció se rapporto ai villaggi si prendesse il medesimo suddetto N». 1032 di anime, Ie famiglie non potrebbero essere al piü che 200.

’’) Sono poche in Ollanda generalmente parlando Ie famiglie nobili. Tutte quelle, che abitano o dentro Ie citta e vilaggi e vivano o dl entrate o per l’industrla del commercie o per I’esercizio di qualche arte e fatica di mani, si chiamano civiche. Si distinguono I’une dall’ altre colli soli aggettivi di ricche e di oneste. Nel primo range sono quelle, che o hanno beni stabili di qualche considerazione, o hanno un grande commercie; nel 20 sono quelle, che sehhene nè molto o nulla posseggano di stabili beni, nè abbiano un grande commercie, pure pel mediocre negozio o per altra arte che esercitano, possono onestamente sostentarsi senz’ aver bisogno di vivere per l’altrui soccorso e sono perció in una condizloae, da non potersi chiamare nè ricche, nè povere.

grip van die der voorstad, in Utrecht door de schismatieken bezet worden, 1032 bedraagt, en dat de familie’s, die dit zielental opleveren, een aantal hebben van ongeveer 350 of hoogstens 400. Hieruit kan men afleiden, hoe gering het zielental is in sommige burgerlijke familie’s, die In deze stad woonachtig zijn. Ten opzichte van de familie’s op het platteland, welke gewoonlijk een grooter zielental bezitten, kan men echter niet met denzelfden maatstaf berekeningen maken en moet men dus het getal der familie’s lager aanslaan. Wanneer men dus voor het platteland hetzelfde zielental 1032 zou vaststellen, dan zou het getal der familie’s niet meer dan hoogstens 200 kunnen bedragen. (B) Zoomin de aartsbisschop als de andere denkbeeldige suffragaan-bisschop van Deventer houden er een geestelijke op na, die hun als secretaris of anders* zins van dienst is.

’) In het algemeen gesproken, bevinden zich in Holland weinig adellijke familie’s. Al die in de stad of buiten wonen en van hunne inkomsten, van de handel, van kunst of van handenarbeid leven, heeten burgerfamilie’s. Zij worden van elkander alleen onderscheiden door de benamingen: rijk en fatsoenlijk. Tot de eerste soort behooren diegene, welke aanzienlijke vaste goederen of wel eene uitgebreide handelszaak bezitten; tot de tweede diegene, die wel geen of niet veel vaste goederen bezitten en ook geen groote handelszaak, maar die toch door eene fatsoenlijke nering of door de uitoefening van een ambacht zich een behoorlijk levensonderhoud weten te verschaffen, zonder daartoe eenige vreemde ondèrsteuning te behoeven; deze leven dus in zulke omstandigheden, dat ze noch rijk noch arm kunnen genoemd worden.

Sluiten