Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

man enz., und den coadjutor gestelt, van tgeene sijluijden met Henrick de Man und andere crediteuren van M. to handelen sullen hebben, van date den 11 Martii 1592.

[l9l] Een missive van Gerrit Grom aen tHoff, aengaende sijne administratie, van date den 10 Martii 1592.

[l92] Minute aen Gerrit Grom und Gornelis Peterszen, om to betalen die ordonnantiën lot beboeff van mr. Henrick Wyckraet, mr. Lybrecbt Meerhouts und den coadjutor gegeven, datiert den 11 Martii 1592.

[l93] Minute aen Gerrit Grom, daerbij bij bier to commen verschreven wordt, van date den 12 Martii 1592.

Uit het Rijksarchief te Arnhem (afd. Arch. v. het voorm. Hof v. h. Vorstendom Gelre en Graafschap Zutphen); vermeld blz. 367 van de Registers op het Archief, afkomstig v. h. voormalig Hof, opgemaakt door P. Nijhoff. (Arnhem, Is. An. Nijhoff en Zoon, 1856).

N°. 97.

De abt en het convent van M. vragen aan graaf •Jan van Nassau, stadhouder van Gelderland, voorziening legen de verplukking en ondergang der abdijgoederen.

October '1578.

Welgeboren genadigen heere, onse innige gebeden ende altijt bereijtwillige onderdanige diensten zijn uwer genade ijeder tijt voeraen bereijt.

Gen. heere, wij en twijffelen niet uwe gen. sullen ten deel onderricht zijn van den soberen staet onses armen, verbranden ende verdestrueerden convents van

Sluiten