is toegevoegd aan uw favorieten.

Wetenschappelijke bladen, 1906 (2e deel) [volgno 1]

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

DANTE ZWARTGEMAAKT.

205

zijn de tronen van Eva, Rachel en Beatrice! Dit is de derde ronde van de hoogste orde; en op dit drietal volgen Sara, Rebecca, Judith en Ruth.

Niets van dit alles is grappenmakerij of misplaatste geestigheid. Doch nu het niet voor de grap bedoeld is, kan ik het niet onderscheiden van godslasterlijke taal.

Natuurlijk is Beatrice geïdealiseerd. Evenals Rachel het type is van „Overpeinzing," ofschoon ik niet in kan zien waarom, zoo stelt, volgens de uitleggers, Beatrice Scientia, Goddelijke Wetenschap, voor. Zeer waarschijnlijk heeft Dante Beatrice willen idealiseeren, doch hij had ook de vrouw Beatrice op het oog, evenals hij Paus Bonifacius, Ruggieri, Brunetto Latini en verscheidene Elorentijnsche edelen voor oogen had, die hij in de hel stoot.

En nu een en ander over Dante zelf. Andere groote dichters en wijze mannen hebben ook een zedeloos leven geleid. Er worden geloofwaardige verhalen daaromtrent gedaan over Socrates. Bacons leven beantwoordt evenmin aan een ideaal van zedelijk gedrag, daar hij zich aan verachtelijk zedenbederf schuldig maakte. Als Shakespeares sonnetten autobiografisch zijn, waar zij algemeen voor worden gehouden, wijzen zij op de groote verzoekingen waaraan de dichter was blootgesteld en waarvoor hij zwichtte: van zijn leven is verder veel te vertellen, dat aanstoot geeft. Ook het losse leven dat Goethe in Weimar leidde, vervult ons met tegenzin niet alleen, maar met minachting. Waarom zou Dante daar vrij van zijn?

Omdat Dante zeldzaam getrouw en nauwkeurig vasthoudt aan de waarheid zijner voorstellingen en aan het werkzame deel, dat hij er zelf in heeft. De Commedia is vrij van allen schijn. Bunyan gaf ons zijn „Pilgrim's Progress", doch hij ontwaakte en ziet, het was een droom. Dante wil ons doen gelooven dat zijne voorstellingen werkelijkheid waren, en wat meer is, het genie van den dichter is zoo groot, dat wij ze als waarheid, als wezenlijke levenservaring voelen.

Doch daar dit zoo is, moeten wij zijn werk toetsen aan zijn leven. Wij hebben hier te doen met een man, die door Beatrice verlost was uit de hel en aan wien het, als