is toegevoegd aan uw favorieten.

Wetenschappelijke bladen, 1910 (1e deel) [volgno 2]

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

9 b

ÜIT HET LEVEN DEK MUZELMANNEN IN ALGERIE

passende taille, welke een figuur nauw omsluit dat gewoon is vrij te zijn, en met die behandschoende en beringde handen, die van onder den wit wollen of neteldoekschen sluier te voorschijn komen. Wanneer zij het echter te warm krijgen, trekken zij de handschoenen uit en ziet men het kleine handje verschijnen, dat met de kunstmatig rood gemaakte nagels onder die vreemde kleeren echt Oostersch gebleven is.

Met de kleurstof, die de nagels rood maakt, werd reeds alle eeuwen door het haar der Moorsche vrouwen gekleurd; maar op het oogenblik geven de jongere en meer elegante er de voorkeur aan, het haar met geozoniseerd water te ontkleuren, want blond haar is het consigne. Ook schijnen de verf, waarmee zij de wangen een roode kleur gaven en de f/kohol", waarmee de wimpers zwart gemaakt en de oogen verlengd werden, plaats te maken voor poudre de riz of zelfs eenvoudige eau de Cologne. Zij worden beslist meer Buropeesch, terwijl het ons van onzen kant toeschijnt dat wij meer Arabisch worden.

Zoo uitgedost blijven zij onbewegelijk en dikwijls sprakeloos zitten, want de Arabische beleefdheid eischt dat de gasten zich op een feest zoo stil en roerloos mogelijk houden. Zij drinken ernstig met kleine teugen de „kaoea" of zelfs de thee, die de gastvrouw of haar dochters haar aanbieden en zuigen het hapje confituren, dat men haar presenteert, beurtelings van denzelfden lepel, waarmee telkens uit de gemeenschappelijke kom geschept wordt. Soms komt een kind, wanneer het nog zoo jong is dat het in het gezelschap van vrouwen zijn mag, een jongen of anders een meisje, zich in haar midden vermaken en dan ziet men haar glimlachen. De kleine jongen is alleraardigst met zijn „chechia", die hij reecis even kranig draagt als zijn vader of zijn oudere broeders, met zijn slim uiterlijk, zijn sierlijke bewegingen, die aan een jong dier doen denken en met zijn wijde pofbroek; het kleine meisje is verrukkelijk met haar groote, zwarte oogen, haar in dikke, weerspannige krullen los neerhangend haar, met haar ongedwongen manieren van „bedorven kindje", en haar grappig, half Europeesch, half Oostersch kostuum, een meesterstuk, saamge-