is toegevoegd aan uw favorieten.

Wetenschappelijke bladen, 1910 (4e deel) [volgno 2]

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

OVER HET WEZEN DER KOMETEN.

147

heden elders is ontstaan, al mag het verdienstelik en zelfs schoon heten, toch bij Homerus niet halen kan? Op die vraag kan alleen geantwoord worden dat die andere volken alles hadden, — behalve een Homerus. Zo zal men steeds moeten eindigen met als schepper van het geheel een begaafd mens, een individu, aantenemen, al wil men ook gaarne erkennen dat in de tekst die ons is overgeleverd .hier en daar toevoegsels van later tijd te vinden zijn.

H.

Over het wezen der kometen.1

Sinds eenige maanden hebben de kometen weder eens de belangstelling van het groote publiek in hooge mate opgewekt: reeds in den aanvang van het jaar werd te Johannesburg een nieuwe komeet ontdekt, die zich kort daarna ook aan ons, in West-Europa, vertoonde en weldra met het hloote oog zichtbaar werd. Nog meer belang stelde men algemeen in de terugkomst der komeet van Halley, die een geregeld bezoeker van ons zonnestelsel is en ongeveer om de 75 jaar in de nabijheid van de zon terug keert. Eeuwen geleden heeft zij bij vele verschijningen een grooten staart ontwikkeld, die de aardbewoners met schrik en ontsteltenis vervuld heeft, maar bij latere verschijningen bleek de lengte van den staart veel geringer. Ditmaal ontleende de verschijning der komeet een buitengewone belangrijkheid aan het feit, dat volgens de berekening der sterrenkundigen de aarde op 19 Mei door den staart der komeet heen bewegen moest; men koesterde de hoop bij die gelegenheid eenig meerder licht te verkrijgen omtrent den aard dier kometenstaarten, want nog altijd zijn deze voor ons een onopgelost raadsel.

Nu tegenwoordig het gansche uitspansel naar kometen doorzocht wordt, neemt men jaarlijks een groot aantal dezer hemellichamen waar; met hoe meer zorg men zoekt des te meer kometen vindt men, maar de meeste zijn uiterst klein, zóó klein, dat men ze alleen met den telescoop kan waarnemen. Over den aard dezer telescopische kometen is men het vrijwel eens; zij bestaan uit een verzameling van meteoren, een meteorietenzwerm; uit dezelfde lichamen, die, als zij klein zijn, met groote snelheid door de wereldruimte bewegen, die wij als vallende sterren waarnemen als zij dicht genoeg bij onze

1) Prof. Dr. L. Zehnder, Die Umschau 14 Mei 1910.