is toegevoegd aan uw favorieten.

Stemmen voor waarheid en vrede jrg 24, 1887 [volgno 2]

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

HET ZELFSBEWUSTZIJN VAN JEZUS.

637

van God" ons bovenal de Godheid, en de naam „Zoon des menschen" de menschheid des Heeren zou doen kennen. De naam „Zoon Gods" toont ons juist het onderscheid tusschen hem en den Vader, gelijk het oudtestamentisch spraakgebruik dan ook met dien naam steeds een engel of een mensch die een waardigheid draagt, maar nooit God zeiven aanduidt. Een „Zoon" is hij die zich onbepaald aan den wil des Vaders onderwerpt, en zichzelve volkomen verloochent. Daarentegen is de benaming „Zoon des menschen" aanduiding van Hem die, als het „zaad der vrouw", van den aanvang af beloofd Was, namelijk de waarachtige, persoonlijke indaling van Jehova zeiven in de wereld en de menschen. En het is wederom niet gelijk doorgaans gezegd wordt, dat wel de menschheid maar niet de Godheid kan lijden. Wanneer Petrus te Caesarea Philippi den Meester het lijden ontraadt, spreekt hij naar den mensen: maar de Heer verklaart de bereidheid om te lijden als iets dat tot God behoort, Joh. 16, 23. En in Gethsemané verklaart hij den „geest" gewillig om te lijden, maar het vleesch als te zwak daartoe. De geest is de gezindheid die de kinderen Gods door den Heiligen Geest hebben; het vleesch 's slechts krachtig in eigen levenslust, maar zwak om zich te verloochenen.

Deze zijn de hoofdgedachten in het boek van den hoogleeraar Grau, dat wij ter nadere kennisneming van harte aan onze lezers, die naar hun ontwikkeling het lezen Van zulk een boek niet schuwen, wenschen aan te bevelen. Onze instemming met het geschrift is niet onbepaald. De geëerde schrijver is te scherp luthersch om aan Calvijn en aan de gereformeerden (onze „gereformeerden" kent hij niet) recht te doen. Ook tegenover den bekenden godgeleerde Albr. Bitschl is hij, in het