is toegevoegd aan uw favorieten.

Letterkundig magazijn van wetenschap, kunst en smaak, 1817 (Mengelstukken), no 11

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

DE INENTING DER KOEPOKKEN.

493

ren geene pokken, het waren niet dan roode vlekken in het aangezfgt, en eenige weinige op het ligchaam, die veranderden in puisten, en die juist daardoor de ouders of minnen hebben doen dwalen. Zij, die daardoor worden misleid, gelooven dan niet meer, dat het noodig is, hunne kinderen te laten Inenten, wijl zij reeds de pokken, zoo zij wanen, hebben gehad.

Beide vooroordeelen zijn even zeer gevaarlijk, en ik wijt aan dezelve het voor de ouders zoo droevig afliet, ven van jonge , geliefde , kinderen.

Die vooroordeelen zijn buiten dat alles fchadeüjk voer de maatfehappij, wijl fo.nmigen befluiten, dat de Inenting een geheel iets overtolligs is, daar dezelve niet bevrijdt van gewone pokken. Drong dat vooroordeel door, het zou met de Inenting, welk eene behoefte die ook zij voor het menfcheUjke gedacht, ras gedaan.zijn. Het is dus van veel belang, daarvan een weinig te fpreken, en wel in zulk een Werk, dat door onderfcheidene ftanden en menfchen gelezen wordt.

Nimmer zal zich een ervaren Geneesheer kunnen ver» gisfen met het uitllag, waarvan wij zoo even fpraken. Nimmer zal hij iemand als onvatbaar voor de kinderpokken houden, omdat hij.met hetzelfde uitflag is belicht geweest; even zoo min als hij zal beweren, dat van dit iemand vrij moet blijven , die de natuurlijke pokken heeft gehad. Die twee, zeer onderfcheidene ziekten, volgen elkander op , en de eene kan van de andere geenszins bevrijden.

Dusdanig uitflag gaat dikwijls de kinderpokken voor: zekere overeenkomst van uiterlijke kenteekenen doet beide met elkander verwarren. En daar de onkundige mensch al zeer gemakkelijk zich laat verfchrikken, denkt men altoos, dat het kinderpokken zijn die men ziet.

Die aanleg, om datgeen voor waar te houden, waarvoor men vreest, de onwetendheid, of ook de flimheid. van eene min, boezemen foms aan de ouders eene voor hunne kinderen noodlottige gerustftelling in. Voeg hierbij, dat ook dat uitflag teekenen achterlaat, welke aan die uit de kinderpokken ontflaan , niet ongelijk zijn.

Ziedaar, de twee zoo fchadelijke als dwaze, en op eigen waan gegronde, vooroordeelen, waaraan men nog, in onze dagen, den dood van vele jonge kinderen te danken heeft. Wie weet niet, dat loDewijk XV, Koning van Frankrijk, daarvan het flagtofFer is geworden ?

Het