is toegevoegd aan je favorieten.

Letterkundig magazijn van wetenschap, kunst en smaak, 1819 (Mengelstukken), no 3

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

130

de onbekende te brachfeld.

Het kwam freule jeannette wonderlijk voor, dat fellner, die de eerfte openhanige belijdenis met ftille oplettendheid had aangehoord, en geene aardigheden gefpaard, bij het laatfte van dit gezegde, oogenblikkelijk, in eene bijzondere aandoening geraakte Zijne oogen begonnen te fonkelen, en zijne wangen hulden zich niet een hoog purperrood. Hierbij kwam, dat zijn blik, toen zij de woorden, kamenier, dienst, dragelijk fchepj'el uitfprak, iets toornigs en ve-achtelijks fcheen uit te drukken, en het gelukte hem eindelijk, na eene verftrooijing van verfcheidene minuten, zich zoo ver te herftellen, dat hij het gefprek weêr kun voortzetten, en zich ontfchuldigen met eene opltijtcing van het bloed, welke hem fomtijds in zomerfciie dagen, vooral in gefprekken met belangrijke perfonen, overviel.

Terwijl fellner, op deze wijze, het grootfte gedeelte van den namiddag doorbragt met freule jeannette , had de burgemeester zijne ontdekkingen, die hij onder den maaltijd had gemaakt, verteld,

Toen namelijk de vreemdeling zich, eenige minuten lang, uit de kamer had verwijderd, en zijnen gast alleen had gelaten, werd deze door nieuwsgierigheid geprikkeld, om een, onder den fpiegel hangend horologie te bezien, en het bevonden, dat hetzelve van goud was, en tevens dat een zware gouden ketting aan "hetzelve hing, ook dat aan denzelven een, zeer fchoon in zekeren fteen gefneden, wapen niet eene gravenkroon vast was, welks veelvuldige beelden, zelfs aan eenen onkundigen , duidelijk toonelen, dat hetzelve aan eene voorname familie behoorde.

De vreemdeling had, voor het overige, zeet; naauwkeurig vernomen naar den overfte en deszelfs dochter, en wel voornamelijk naar de laatfte, en alie berigten over derzelver karakter, ja! hetgeen, wat iets bij. zonders fcheen, over de ligging en inwendige gefteldheid van het huis, dat zij bewoonden, en over de naburen van hetzelve, tot de geringlte kleinigheden toe, trachten in te winnen — zijnde dit alles zaken, welke de hoofden der toehoorders in eene onafgebrokene fchuddende beweging bragten, en niemand vergunden, om zijnen mond geheel te fluiten, doch freule jean¬

nette wist dit alles, toen, het ter harer kennis kwam, zeer wel te verklaren.

Het