is toegevoegd aan uw favorieten.

Letterkundig magazijn van wetenschap, kunst en smaak, 1819 (Mengelstukken), no 7

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Voorooröeelen tegen de koepok-inenting.

ten. O, mijne vrienden! ik was voor weinige weker} nog de droevige getuige van het verfcheurende nabe? rouw der achtenswaardigfte ouders, in wier dioeHiekl ik met mijne geheele ziel deel.

Mevr. R. Heden, Dominé! wat was dat ? vcrhaai het ons toch.

Dom. Gaarne. Gij kent, meen ik, den broeder Van onzen ichout, den achtenswaardigen groeneveld en zijn gezin?

De heer R. Ja, zijn zoon is immers met de doch. ter van den fchoolmeester getrouwd, en helpt den oudetl afgeleefden grijsaard als ondermeester?

Dom. ja, de jonge groeneveld is, in alle opzig* ten, een verlicht, een waarlijk braaf mensch , hij neemt de geheele fchool waar, en vormt ook roemwaardige leerlingen. Nu dan, vader groeneveld, en zijne lieve brave vrouw, hadden, weet gij, ook nog eene dochter ?

Mevr. R. Heden ja — Doortje, zij komt veel bij mij, het is een fchoon, bloeijend meisje; een beminnelijker karakter kende ik nooit. Maar zij zal immers in de aanftaande Meimaand trouwen, met rozenberg, den jongen ontvanger?

) Dom. De voltrekking van het huwelijk was vervroegd, want rozenberg wilde met zijne jonge vrouw nog in Mei eene reis naar zijne ouders doen. Hij en doortje werden dus den vierden der vorige maand aangeteekend. Twee dagen later werd doortje ongefteld. Ik vraagde aan vrouw groeneveld, of hare dochter gevaccineerd was, want naast de deur lag een jongeling aan de kinderziekte. Het antwoord van vrouw groeneveld bevestigde mij mijne vrees voor doortje maar al te veel. „"Neen," zeide de goede moeder, Dominé! mijn man en ik hebben eenen affchrik van ds. vaccine. Onze zoon heeft eerst, toen hij ge. ,5 trouwd was, zich laten vaccineren. Daar konden wij niet tegen, ook laat hij het al zijne kinderen ,1 doen, zoo ras die pas zes weken oud zijn. Het 1S as vvaar, dat moet ik zeggen, zij worden-door geene 55 kinderziekte, fchoon die oo het dorp is, aangetast, ■>■> maar ons doortje ook niet. Zij heeft, toen zij een ¥> jong kind was, bij een meisje, dat de kinderziekte had, geflapen, zij heeft eene nicht, die vóór twee meng. i3ip. no. 7. V ,, jaar