is toegevoegd aan uw favorieten.

Letterkundig magazijn van wetenschap, kunst en smaak, 1819 (Mengelstukken), no 16

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

j0hannes bapti5ta santolius.

73?

wilde hij zijne likeuren eens proeven, doch ontdekte fpoedig van welke foort dezelve waren. De heer D-, die in boerteu behagen fchepte, wachtte niet lang om aan santeuil een bezoek te geven, en met hem over het gebeurde te fpotten. De dichter verborg zijn hart* zeer, zoo goed hij kon, maar was niettemin op wederwraak bedacht. Daar hij den fmaak van den fpotter kende, liet hij drek, alsof het fhuif ware, gereed maken, en toen hij eens met den heer D. in gezelfcliap was, haalde hij eene doos uitzijn' zak, die vol mee zulk goed was. De heer D. gebruikte er aanlionds van, en dezelve van eenen zeer Herken en onaangenamen geur bevindende, zeide hij: „foei! welke duivelfche fhuif hebt gij daar?" „Het is fnuif van Mompellier," antwoordde santeuil.

Een abt verzocht santeuh. om voor hem een gfaffchrift te maken op een' van zijne naastbeftaanden, en, ten einde hem over te halen om daaraan terftond te arbeiden, gaf hij hem zes louizen. Ds dichter beloofde het hem, .maar deed er niets aan, en dacht enkel aan de verzen dergenen, die, wanneer zij gemaakt waren, dan eerst dezelve betaalden. De abt zond verfcheidene keeren om het graffchrift. Lang antwoordde men hem dat het nog niet gereed was, en eindelijk dat men niet wist wat hij hebben wilde. De abt ging zelf naar hem toe , en aan de deur van santeuil geklopt hebbende, riep deze: wie is daar?" De abt antwoordde : „ een goede vriend.'' „ Welke vriend?" hervatte santeuil „Die betaalt eer men gewerkt heeft," zeide de abt. Santeuil opende de deur, en den abt, met een lagchend gelaat aanziende, vraagde hij: of hij iets om hem te dienen doen kon ? De abt hem in de rede vallende, zeide: „ herinnert gij u niet meej aan het graffchrift, dat gij mij beloofd hebt, en aan de zes louizen, die ik u gaf om het voor mij te maken?" „ Waarlijk niet," antwoordde santeuil: „ik verzeker u, dat, bij gebrek van geheugen, mij vele dingen out» gaan: terwijl gij ondertusfehen verzekert dat ik het a beloofd heb, zal ik het ook maken, want heilig houde ik altijd mijn woord." Dit graffchrift was eindelijk na verloop van zes maanden gereed, maar het moest te tweedenmale betaald worden, om dat de diebter «ieh niet meer bxriunerde, of voorwendde dat hij zich niet

meer