is toegevoegd aan uw favorieten.

De weegschaal, 1828, no 7

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

( 3»4 )

De Jarlijke of vrijbrieven der Russische kerk. Dit Tartaarsche woord beteekent eigenlijk het zegtl op de bevelen van den Ghan, en vervolgens het door den Chan, met zijn zegel uitgevaardigd bevel zelf; verder een bevestigings-, beveiligings - en vrijgeleide-brief, en zoo voorts, door den Chan zeiven uitgevaardigd. Deze door de Tartaarsche Chans gedurende hunne heerschappij over Rusland, vooral in de XIV. en XV. eeuw gegeven vrijbrieven, zijn zoo wel uit hoofde van derzelver inhoud, als om den stijl, hoogst merkwaardig. Onderscheidene dezer brieven bevinden zich nog m het oorspronkelijke, in het archief der buitenlandsche betrekkingen.

h). De zoogenaamde Jaroslawsche oorkonde. Wassiu davidowitsch , vorst van Jarislaw, gaf zich, gedurende de regering van den grootvorst iwan danilowitsch 1328—1340, aan den Archimandriet van het klooster des heil. Verlossers, waardoor dit klooster buitengewoone voorregten verkreeg.

O» Zendbrief (Grammota) van den grootvorst dimitr1jewitsch aan den Russischen Metropolitaan, in zaken der geestelijke jurisdictie, den n. Nov. 1403. Tegen de echtheid van dezen zendbrief, worden echter eenige niet onbeduidende bedenkingen ingebragt. en voorts nog meer andere verordeningen der regering van minder algemeen belang.

Hierop volgen in de tweede plaats, de staatsstukken, die in de staatsarchiven gevonden worden. De staats-kanselier graaf romanzow, liet eene verzameling daarvan op eigen kosten in 1813, 1819 en 1823, in drie deelen te Moskau drukken. Onder de openlijke bronnen kernen eindelijk bijzonder in aarimeiking, de kerkboeken, daaionder verstaat