is toegevoegd aan uw favorieten.

Marineblad jrg 11, 1896/1897 [volgno 3]

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

TACTISCHE WAARDE VAN 0NDERZE3SCHE BOOTEN.

geschutraasten der schepen bemerkt, dan dat zij door den scheepsuitkijk gezien wordt — haar schoorsteen neerslaan, zich gelijk met het water laten zinken en de nadering der schepen afwachten. Indien torpedobootvernielers vooruit gezonden worden, moet zij zich laten zakken met alleen de camera lucida boven water. In deze positie zou zij bijna geen doel aanbieden voor het naderende lichte schip voor eene lanceering, maar zelfs indien die lanceering wel gevaarlijk geacht werd, dan behoeft zij zich slechts beneden de torpedobaan te doen zakken om buiten gevaar te zijn. Dit zou zij gereedelijk kunnen doen om hare plaats te behouden in den koers der naderende schepen, van tijd tot tijd een paar secunden bovenkomende om zich te verkennen.

De andere booten zullen de richting der naderende vijandelijke linie waarnemen en, indien deze ongeveer met de hunne overeenkomt, hunne positie behouden op dezelfde wijze als de eerste boot.

Wanneer de richting niet met de hunne samenvalt, moet elke boot anker lichten en in de drijvende positie langzaam stoomen in eene richting loodrecht op deze linie om in den koers der naderende schepen te komen, dan den schoorsteen neerslaan en bevestigen en alleen den top van den commandotoren boven water houden. De voornaamste plicht van elke boot, handelende onafhankelijk van de andere, zou dus zijn, zich in den koers der naderende schepen op te stellen.

Torpedo's kunnen zulke booten niet verdrijven, geschutvuur zou geen uitwerking hebben en de admiraal, die zijn vloot langs zulk een linie zou voeren om een stad te bombardeeren, zou dit slechts doen om nog een laatste poging te wagen en zou de ontzettende inspanning te verduren hebben, veroorzaakt door moreelen invloed van een als aanwezig bekend, doch onzichtbaar gevaar.

Maar veronderstel dat zulke kansen door den vijand werden aanvaard. De eerste boot zou wachten tot het schip aan liet hoofd tot op 1500 yards genaderd was, en aanvallen als hierboven omschreven. Zoo spoedig dit was afgedaan en hare lanceerbuizen herladen waren, zou zij met den commandotoren of de lucidabuis boven water komen, den vijand die het dichtste bij was opzoeken en den aanval herhalen.

Alle schepen, die aan den aanval van de eerste boot waren ontsnapt, zouden blootstaan aan die der andere booten in linie of zouden zich moeten verwijderen, een gebeurtenis die in aantrekkelijkheid zou toenemen met het aantal booten dat aanviel. Onder zulke omstandigheden zou het beproefde bombardement der verdedigde stad den verdedigers geen schade hebben veroorzaakt, maar voor de aanvallende partij zeer kostbaar geweest zijn.

Indien de aanvallende vloot de voordeelen van bekenden afstand bij het langsstoomen verliet en in linie achter elkander recht op het doel aanliep, zou elke boot haar schip uitzoeken en haar door torpedo's vernielen, zooals in het vorige geval. Schepen, die de bootlinie gepasseerd waren, zouden naar den wal gevolgd worden en de kans dat zij er ontkomen zouden zou zeer gering zijn, als er evenveel booten als schepen waren.