Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

242

verhooging v.h. vide hoofdstuk der staatsbegeoot1ng

meen gevraagd worden, ook nu nog, door de groote zeemogendheden, kwam mij in herinnering de bekende fabel van den vos die zijn staart kwijt was, en die toen een voordracht hield in een vergadering van mede-viervoeters, ten betooge, dat een staart toch eigenlijk niet zoo noodig is, en vroeg: wat hebben jelui toch aan een staart? Ik heb er geen; schaf jelui hem nu toch ook af.

Inderdaad, indien het zoo was, als de Minister het voorstelde, dan zou de snelheid er niet zoo op aankomen en dan zouden wij dien staart van de quaestie, welke voor ons ligt, wel kunnen afsnijden.

Ik had gepoogd uit te rekenen - en ik meende dat ik het zeer consciëntieus gedaan had - wat de Minister per jaar kon besteden, zonder zijn budget te overschrijden, voor den bouw van schepen voor India. Ik had dat op 2 millioen gesteld, omdat de Minister niet eens, maar herhaaldelijk verzekerd' heeft, dat 2,2 millioen van de 4,2 millioen noodig is, om de maritieme defensie van Nederland in Europa op peil te houden. Hoewel ik natuurlijk niet in onderdeden kan nagaan, waarvoor die 2,2 millioen besteed moeten worden, heb ik mij aan die verzekering van den Minister wel moeten houden.

Op grond daarvan had ik uitgerekend hoeveel tijd de Minister zou behoeven voor het bouwen van dit ééne scheepje, en hoeveel voor den bouw van vier zulke schepen. Nu zegt de Minister: wel neen, ik kan jaarlijks veel ■meer besteden voor dit schip, want het schip, dat ik voor Indië bouw kan ik ook voor Nederland gebruiken. Dat klinkt heel aardig, maar in effectu beteekent het toch niets, want al zou het waar zijn, dat het schip, dat de Minister wil bouwen, zekere diensten kan vervullen in Indië en ook zekere diensten voor de Nederlandsche defensie - wat ik overigens niet kan toegeven, want de diensten die het kan doen in Indië zijn volstrekt niet voldoende en voor Nederland is het schip ook niet geschikt en niet noodig -, indien. het dus was een schip a doublé usage, juist een van de schepen die ik met mijn geachten buurman, den heer Verhey, verkeerd acht, dan zou men toch nooit hetzelfde schip op twee plaatsen te gelijk kunnen hebben, zoodat de opmerking, dat de Minister voor Indië meer kan besteden dan 2 millioen, niet opgaat, daar hij toch steeds ook het geld behoeft om de zaken hier op peil te houden.

Maar hoe dit zij, indien de Minister inderdaad voor den aanbouw van schepen aanzienlijk meer kan besteden dan 2 millioen uit de tegenwoordige begrooting, dan is de berekening, die ik mij veroorloofd heb voor te dragen ten voordeele van den aanbouw van vier groote pantserschepen, niet alleen niet geflatteerd geweest, maar dan had ik met dezelfde begrootingsmiddelen een berekening kunnen opmaken voor zes of zeven pantserschepen, zoodat inderdaad dat. argument van den Minister niet gelukkig was.

De quaestie heeft ook geloopen - de Minister heeft die

Sluiten