Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

vooe het dienstjaar 1912. — beraadslaging.

275

groot belang is voor Indië. De welvaart, die Indië heeft, zegt hij, heeft Indië te danken aan de Nederlandsche energie. Over welke welvaart spreekt de heer Lohman toch? Over de welvaart van den inlander of over die van de Nederlanders die hun ondernemingen hebben in Indië? Ik heb mij met verbazing afgevraagd of men nu in deze Kamer al vergeten is dat men een paar jaar geleden over Indië in zak en asch zat. Toen was er een inzinking', toen hebben wij een welvaartscommissie uitgezonden, toen hebben wij een noodschot gedaan en 40 millioen gevoteerd om de economische verheffing van Indië te bewerkstelligen. Nu is dit alles vergeten en is Indië zoo welvarend, dat het een groot deel van de vloot die wij noodig hebben om Indië er onder te houden, zelf zal moeten betalen.

Het ergste maakt het de heer Thomson, die mir nichts dir nichts meent, dat Indië in de toekomst de geheele kosten van de vloot zal moeten betalen, evenals die van het leger. Ik herinner er den heer Thomson aan, dat het feit, dat tot nu toe Nederland het grootste deel van de kosten van de vloot heeft betaald, er toe medegewerkt heeft dat al te groote geldverkwisting is tegengegaan, terwijl het feit, dat Indië zijn geheele leger heeft betaald, er toe heeft geleid dat men ten opzichte van expeditiën het geld met kwistige hand heeft uitgestrooid en zich geenerlei breidel heeft aangelegd. Ik zou het diep betreuren indien Indië het grootste deel of de geheele kosten van de vloot zou moeten betalen, daar ik er een natuurlijke rem in zie als de kosten voor een deel op het Nederlandsche budget voorkomen.

En nu de motie. De motie is ingetrokken en er kan dus niet meer over gesproken worden. Dit doet mij verbazend veel genoegen, want toen ik de motie door de heeren van Karnebeek en Lohman hoorde toelichten, heb ik mij afgevraagd: is het voor ons mogelijk vóór die motie te stemmen? Die motie bedoelde niet een zuiver wetenschappelijk onderzoek, maar had van te voren de strekking ons te geven schepen van 15 000 ton. De heer van Karnebeek zeide, dat de motie niet had te onderzoeken how not to do it, maar how to do it. De heer Minister van Marine echter gevoelde wat de strekking was en zeide dat aanneming van de motie beteekende uitstel van den aanbouw van nieuwe schepen gedurende verscheidene jaren. Dit was voor ons, socialisten, de reden om vóór die motie te stemmen. Uitstel is voor ons veel gewonnen. Waar wij, een kleine fractie, onmogelijk onze wenschen kunnen uiten in stemmenmeerderheid, is het voor ons van groote beteekenis meerdere geldverspilling te kunnen uitstellen, te meer waar wij tevens het positieve resultaat konden behalen, het thans voorgestelde schip daarmede van de baan te brengen.

De Minister van Binnenlandsche Zaken zeide: het is niet zeker wat de sociaal-democraten zullen doen, maar hun vindingrijkheid zal wel groot genoeg zijn om hun den weg te wijzen. Laat ik dien geachten bewindsman zeggen dat onze vinding-

Sluiten