Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

VOORLOOPIG VERSLAG.

407

verdiende een viertal dezer booten door torpedobootjagers te vervangen.

Vervolgens stelden eenige leden de vraag, of ook de nieuw te bouwen grootere torpedobooten binnendoor van Helder naar Rotterdam en de Zeeuwsche Stroomen zullen kunnen gebracht worden. Zij achtten zulks van groot belang en verwezen tot staving van hun gevoelen naar een artikel in het „Marineblad", getiteld „De moderne blokkade" (October 1912), waarin de blokkade onzer kust wordt besproken. Zoo echter om overwegende redenen dit voordeel werd prijsgegeven, dan ware, naar zij meenden, te overwegen de booten nog grooter te bouwen ten einde haar meer snelheid te geven. Eene snelheid van 24 mijl moest in vergelijking met het gelijksoortig materieel van andere naties onvoldoende worden geacht.

Gaarne zoude men 's Ministers oordeel vernemen omtrent het ook ten vorigen jare besproken gebruik van oliemotoren voor de voortstuwingswerktuigen dezer booten.

Eerste termijn van twee onderzeebooten.

Sommige leden zouden gaarne de verzekering ontvangen, dat voor deze booten op voldoende bemanning en evenzeer op voldoende reserve kan gerekend worden. Zoo deze verzekering niet kon worden gegeven, zouden zij bezwaar hebben dezen termijn toe te staan.

Torpedobootjagers.

In de Memorie van Antwoord betreffende de wetsontwerpen tot verhooging van hoofdstuk VI der Staatsbegrooting voor 1911 en 1912 (Gedrukte stukken 1912-1913 n° 27) deelt de Minister mede bezwaar te hebben tegen de overlegging van de rapporten betreffende de reis van de torpedobootjagers „Wolf" en „Pret" naar Nederlandsch-Indië. Deze mededeeling had eenige leden bevreemd. Hoewel zij toegaven, dat dergelijke rapporten in den regel niet voor openbaarmaking bestemd zijn, zoo zagen zij toch niet in, dat er bezwaar kon bestaan deze ter griffie der Kamer ter inzage alleen van de leden te leggen.

Men had voorts vernomen, dat deze booten na aankomst in Nederlandsch-Indië gedurende drie maanden te Soerabaja in herstelling waren opgenomen. Gaarne zou men vernemen, waarin die herstellingen hadden bestaan. Ook stelde men er prijs op te worden ingelicht omtrent de bewoonbaarheid dezer booten in het tropische klimaat, die, naar verluidde, was tegengevallen.

Vervolgens kwam ter sprake, dat de torpedobootjagers „Bulhond" en „Jakhals" niet zouden hebben voldaan aan de eischen betreffende de vol te houden vaartsnelheid. Zoo men goed was ingelicht, zouden de ketels om de noodige snelheid te bereiken hooger moeten zijn belast dan waarop zij berekend waren. Zulks werd onverantwoordelijk geacht. Een lid vroeg, of de door hem vernomen mededeeling juist was, dat de

Sluiten