Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

75

baar zijn voor de verschafte kennismaking met een geniaal werk van een geacht Nederlandsch toonkunstenaar, zou het toch voorzichtigheidshalve beter geweest zijn , indien deze opvoering nog wat uitgesteld ware, tot dat een paar noodlottige ziektegevallen waren geweken, en de opvoering met meerdere volkomenheid had kunnen plaats hebben.

De degelijke verrijking, die de muziek-literatuur met deze opera heeft ondergaan, vereischt den welgemeenden dank van alle ware kunstvrienden aan den bekwamen componist, die tot veler leedwezen, op den avond der uitvoering, niet in ons midden kon aanwezig zijn. Dat zij eene blijvende plaats in het répertoire zal behouden, wij deelen in die verwachting met velen, die hun genot in edele toonscheppingen weten te vinden.

Ten slotte geven wij aan het einde der Opera campagne den uitdrukkelijken wensch te kennen, dat een zoo gewichtig en onmisbaar kunst-instituut als de Duitsche Opera, tevens een voortreffelijke leerschool voor alle standen, in het bijzonder voor onze stad, waar het wufte en ligtere genre van muziek maar al te diepe wortelen heeft geschoten, voor het vervolg moge behouden blijven. Een ieder, die het vermag, werke dus mede of brenge eenige penningen ten offer, om eene zoo gewichtige onderneming , die aan duizenden zooveel aangename uren verschaffen kan , in Nederland in stand te houden. .

MAATSCHAPPIJ TOT BEVORDER. DER TOONKUNST.

Uitvoering op Dinsdag 14 Maart 1871.

Programma. Eerste afdeeling. Psalm van j. h. lubeck. Tweede afdeeling. Sonate van beethoven in Es, op. 31 n°. 3, voorgedragen door den heer ernst lubeck, eerelid der 's Gravenhaagsche afdeeling van de Maatschappij tot Bevordering der Toonkunst. Ouverture en Introductie (n°. 1) uit de opera Jessonda van l. spohr. Fantasie voor pianoforte, koor en orkest (op. 80) van beethoven.

De naam van onzen uitstekenden Ernst Lubeck was oorzaak, dat een buitengewoon talrijk publiek deze uitvoering der Maatschappij bijwoonde. Reeds bij zijn optreden werd hij met een daverend applaus en fanfares begroet, en groot was de bijval, dien hij na elk zijner voordrachten genoot. Wij moeten clan ook erkennen, dat wij hem nog zelden zoo voortreffelijk hebben hooren spelen als op dien avond. Het tweede gedeelte van de sonate met den voortdurenden staccato-bus. was meesterlijk van opvatting; niet minder de beide volgende deelen, waarvan het eerste door zangrijkheid, het laatste door geest en leven uitmuntte. Na de voordracht der sonate speelde de heer Lubeck als toegift eene der Soirees a Vienne van Schubert , waaraan ontzaglijke zwarigheden waren toegevoegd, wij meenen door Liszt.

Orkest en koor werkten dien avond loffelijk; vooral het koor droeg blijken van goede studie. Een paar malen was het koor bij het inzetten van het motief der fuga in het laatste nomtner van den Psalm een weinig onzeker; en de ouverture van Jessonda behoorde, wat het orkest betreft , tot de minst geslaagde nommers van den avond. Ook weifelde de samenwerking van solo-quartet en orkest een oogenblik in de Fantaisie van Beethoven. Voor het overige echter was de uitvoering der talrijke nommers zeer goed te noemen.

Mejufvrouw Meijsenheim was blijkbaar niet zeer goed gedisponeerd ; althans voldeed zij ons nu minder goed dan in de Jahreszeiten. Voor een gedeelte moet dit welligt op rekening van de keus der stukken komen, die voor haar genre een weinig breed van stijl zijn; somtijds echter was door de onwillekeurige neiging om boven

orkest en koor uit te komen de intonatie bepaald te hoog en het timbre van stem te schel. Wij moeten onze wenken tot zelfbeheersching dringend herhalen. Slechts langzamerhand mag de stem worden geoefend; en wij zouden het betreuren, zoo mej. M. uit al te grooten ijver haar orgaan benadeelde, terwijl zij alle elementen in zich vereenigt om eene schoone toekomst te genioet te gaan.

De heer Loois Roothaan , die even ais de verdienstelijke zangers in het quartet en dubbelquartet, bereidwillig zijne medewerking had verleend, zong met beschaafdheid en goede opvatting zijne ondankbare partij.

CONCERT DILIGENTIA.

Zevende Concert, 22 Maart 1871.

Programma. Eerste afdeeling. Symphonie n°. 1 in B-dar. Op. 38 van schumann. Aria »Pro peccatis" uit het Stattat Mater vin rossini , gezongen door den heer emil scaria. Concert ti°. 8 voor viool, van l. spohr, voorgedragen door mevr. wilma norman neruda. Tweede afdeeling. Ouverture Hamlet van niei.s w. gade. Aria »In diesen heiligen Hallen" uit die ZauberflMe van mozart. Variatiën voor viool van vieuxtemps. Liederen: a. Ein Traum , van rubinstein 6. Der Kuss, van marschner. Ouverture Rug Bias van mendelssohn.

In zulke compositiè'n, als nu door het orkest op dit concert werden ten uitvoer gebracht, cloet het zich nog steeds van de gunstigste zijde kennen. Door den rijkdom der harmonieën van Schumann , Gade en Mendelssohn bespeurt men de mindere zekerheid van sommige partijen ter nauwernood. De symphonie werd, inzonderheid wat de beide laatste gedeelten betreft, voortreffelijk uitgevoerd, In de beide eerste afdeelingen was de stemming niet geheel en al zuiver, hetgeen doorgaans bij den aanvang der concerten alhier in mindere of meerdere mate het geval is. Beide ouvertures slaagden bijzonder goed.

De heer Scaria voldeed ons ditmaal uitnemend, vooral in de aria van Rossini en in de liederen. Ten vorigen jare maakten wij de opmerking, dat de voordracht door vele portamento's werd ontsierd, hetgeen natuurlijk veel van het werkelijk schoone deed verloren gaan. Deze slechte gewoonte heeft de heer scakia grootendeels afgelegd ; alleen was zij nog eenigszins merkbaar in de aria van mozakt , die hoewel met voortreffelijker! klank gezongen , in opvatting ver achterstond bij de overige nommers.

De tweede soliste van den avond, mevr. Norman-Neruda, boeide ons door haar fijn, beschaafd en in alle opzichten geacheveerd spel. De Gesangsccne van Sroint leed echter aan zekere monotonie in de voordracht der recitatieven en van den zang. Door eene betere phraseering zou de indruk nog veel kunnen verhoogd worden. De variaties van Vieuxtemfs waren echter onberispelijk, daar voor dit stuk wel is waar gratie en goede smaak worden vereischt, maar de opvatting overigens geene moeielijkheden oplevert; de sta,ceato's zoowel in het werk van Spohb als in dat van Vieuxtemps waren meesterlijk.

Door het herhaald binnentreden van een aantal personen onder de 3ymphonie en het onwellevende verlaten van de zaal door velen niet alleen tusschen, maar zielfs gedurende de laatste nummers, werd het kalme genot niet zelden gestoord.

GRONINGEN.

Overzicht der concerten gedurende de tweede helft van het winterseizoen.

Van de concerten, gedurende Februari en Maart gegeven, vermelden wij in de eerste plaats het studenten-

Sluiten