Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

230

DE VEREENIGDE TIJDSCHRIFTEN

de betrekking had teruggetrokken. Op 13 Mei bevestigde het kerkelijk Consistorium de keuze van Bach, op 16 Mei leidde deze voor het eerst de kerkmuziek in de Universitatskirche, en op 30 Mei in de Nicolaikirche. Op Dinsdag 1 Juni 1723 volgde toen met de grootste plechtigheid Bachs inwijding in zijn ambt als Thomascantor. Deze data wijken gedeeltelijk af van de door Spitta in zijn groote biografie aangegevene; zij zijn echter door den tegenwoordigen directeur der stadsbibliotheek, Prof. Dr. Kroker in een onlangs gehouden voordracht, als de authentiek juiste aangegeven. Bach kreeg zijn ambtswoning in het gebouw der Thomasschool vlak naast de kerk; en in deze vertrekken, die helaas aan den tijd geen weerstand hebben kunnen bieden, ontstond de reeks van die onsterfelijk schoone werken, die heden nog het kostbaar bezit zijn geworden van duizenden en millioenen menschen.

IV.

Het ligt niet in de bedoeling van deze regelen, Bachs arbeid als Thomascantor verder in bijzonderheden na te gaan. Maar een jubileums-dag als deze stelt ons wel voor de vraag: Hoe wordt Bachs nalatenschap in onze dagen beheerd ? Is die ook nu nog levenskrachtig en rijk voor de toekomst, of dreigt een treurig verval? Leipzig behoeft deze vragen niet te vreezen. Met fierheid mag het antwoorden, dat noch het Cantoraat noch de Thomasschool in den loop der eeuwen ook maar iets van hun grootheid hebben ingeboet. De tegenwoordige Thomascantor Prof. Karl Straube, die in dit jubileumsjaar 50 jaren oud is geworden, en die van de filosofische faculteit der universiteit te Leipzig den eeretitel Doctor honoris causa ontvangen heeft, is een kunstenaar, die het zeer verantwoordelijke ambt bekleedt op een wijze, die toont, hoezeer hij de bekwaamheden bezit, deze edele nalatenschap te behouden en uit te breiden. Evenals Bach is ook

Straube vóór zijn benoeming tot Thomascantor niet in hoofdzaak als koordirigent werkzaam geweest. Zijn grooten naam had hij zich verworven als instrumentaalsolist, en wel als geweldig organist. En niet alleen was hij de vertolker der oudere, kerkelijke orgelcomposities, maar met de geheele macht van zijn sterke persoonlijkheid kwam hij ook op voor moderne, toen ter tijd nauwelijks bekende componisten. Zoo was hij een der eersten, die Max Reger naar zijn groote, uitnemende waarde wist te schatten. Onvermoeid heeft Straube voor dezen tijdgenoot, zijn grooten vriend, gearbeid.

Men kent Straube niet, wanneer men hem slechts als musicus weet te waardeeren.

(Slot volgt).

Belangrijke Data.

2 Aug. * Catharina van Rennes 1858.

* Cornelie van Zanten 1855.

3 „ f August Klughardt 1847—1902.

4 ,. * Jan Conradus Boers 1812—1896. 6 „ f Eduard Hanslick 1825—1904.

8 ,. f Karl Heinrich Graun 1701 — 1759.

* Thomas Koschat 1845—1914.

9 .. * Wilhelm Berger 1861 — 1911.

* Reynaldo Hahn 1874.

10 „ * Oskar Fried 1871.

11 „ f Halfdan Kjerulf 1815—1868.

12 „ * Jean Louis Nicodé 1853—1919.

13 „ f Francesco Durante 1864—1755.

f Jules Massenet 1842—1912.

* Cornelis Hendrik Coster 1854—1902.

14 „ * Leone Sinigaglia 1868.

15 „ * Eduard de Hartog 1829—1909.

* Wouter Hutschenruyter 1859. Stichting van het tijdschrift Caecilia 1844.

16 „ * Cornelie van Oosterzee 1863.

* Siegmund von Hausegger 1872.

* Heinrich August Marschner 1795 —1861.

* Henri Constant Gabriel Pierné 1863.

17 „ * Edmond Audran 1842—1901.

* Peter Leonard Leopold Benoit 1834-1901.

* Jan Willem Enschedé 1865.

18 „ * Benjamin Godard 1869-1895.

19 „ * Georg Eduard Goltermann 1824—1898.

* Nicola Antonio Porpora 1686—1766.

* Antonio Salieri 1750—1825.

20 ,. * Emil Ergo 1853.

21 „ -j- Peter Joseph von Lindpaintner 1791-1856.

22 „ * Claude Debussy 1862—1918.

* Philip Loots 1865-1916.

* Johannes Messchaert 1857—1922.

* Eduard Silas 1827—1909.

23 „ f Heinrich Albert Jahn 1811-1900.

24 „ * Cornelis v. d. Linden 1839-1918.

25 „ * Nicola Jomeli 1714-1774.

Sluiten