Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

264

DE VEREENIGDE TIJDSCHRIFTEN

De Viering van het gouden jubileum der Nederlandsche St. Gregorius-Vereeniging

door

J. A. F. VERGROESEN.

Toen ik in de laatst-verschenen aflevering van dit tijdschrift in het kort de geschiedenis van de gouden jubilaresse, de Nederlandsche St. Gregorius-Vereeniging, heb trachten weer te geven, wees ik er reeds op, dat het jubileum te Utrecht met veel luister en onder velerlei wetenschappelijke „vormen" is gevierd. Die viering geschiedde van 26 tot en met 30 Augustus j.1. en met een enkel wóórd, dat wil dus zeggen zeer beknopt, moge ik hier thans nog een en ander van die viering mededeelen.

Bij het neerschrijven van het woord viering zij dan allereerst gedacht aan hen, die die viering als zoodanig in haar meestbeteekenisvollen omvang in vervulling konden doen gaan: het hoofd-comité en de verschillende neven-commissies, die na een maanden-langen voorbereidende arbeid een voorbeeldige organisatie hebben gedemonstreerd. En bij de viering waren niet in het minst betrokken: de tallooze medevierenden, de vele mannen en vrouwen, geestelijken en leeken, die uit het binnenzoowel als het buitenland naar Utrecht zijn gekomen. Mannen en vrouwen van velerlei godsdienstige gezindten zelfs, die hun kennis meenden te kunnen verrijken met de muzikale schoonheid van den Gregoriaanschen zang en de meerstemmige kerkmuziek, die gretig wilden leeren van hetgeen in voordrachten, op vergaderingen en in cursus-bijeenkomsten zou worden verkondigd.

De Gregorius-Vereeniging zelve heeft aan die viering den korten en krachtigen naam gegeven van: Kerkmuziekweek. En het is eerst en vooral in een katholiek kerkgebouw, in casu de Utrechtsche Catharijne-Kathedraal geweest, dat zich de

jubileum-viering in klanken heeft uitgezongen, zoowel in plechtige hoogdiensten tijdens den morgen, als in de plechtige avond-loven. De katholieke kerkmuziek kon daar dan in rijke veelkleurigheid worden beluisterd. In de openings-oefening van Zondagavond heeft het mannenkoor der Kathedraal onder leiding van zijn directeur Joh. Winnubst op welluidende en gave wijze lofgezangen ten gehoore gebracht van Mgr. J. A. S. van Schaik, Phil. Loots, A. v. d. Linden, Jos. Vranken e.a.

De Maandag is uitsluitend voor Gregoriaansch gereserveerd gebleven. Leden van den Twentschen Korenbond hebben onder directie van Pastoor J. J. Scheepers uit Ootmarsum in de morgen-oefening het Gregoriaansch sierlijk van klank, loj-gerhythmeerd uitgevoerd, terwijl de Vespers in den avond zeer lofwaardig werden geëxecuteerd door de theologische studenten van het Seminarie Warmond. De tweede volle dag stond in het teeken van Palestrina en den Palestrijnschen stijl. Een gemengd koor uit Tilburg onder den heer M. Bonans zong op zeer schakeeringrijke wijze 's morgens de Missa „Papae Marcelli" van Palestrina. Jammer, dat de sopraan-stemmen der jongens wat scherp klonken. De zoogenaamde wisselende Gregoriaansche zangen — die van den feestdag — werden schoon uitgebeeld door het parochiekoor van de H. Maria Brigida te Geldrop (directeur J. Knaapen). Tijdens het Lof liet het gemengde Amsterdamsche Agnes-koor van Hubert Cuypers prachtige toonzettingen vernemen van Gabriëli, Gallus, Viadana, Vittoria, de Zachariis. De voordracht was muzikaal en technisch fijn, maar ik kon mij moeilijk vereenigen met dat eenigszins „stootend" zingen.

Woensdagmorgen ging er een nieuw miswerk van den jongen componist Jaap Vranken: Missa Festiva. De uitvoering door het Petrus-koor uit Gulpen bleek voldoende qua technische beheersching, doch muntte niet bepaald uit door de uitspraak

Sluiten