Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

164 bescheiden uit de archieven der marine,

alle zoodanige middelen in het werk te stellen, als strekken kunnen om het debarquement te faciliteren en te bespoedigen, daartoe desnoods van zodanige middelen gebruik makende als welke de omstandigheden aan de hand geven.

21. Commissarissen=generaal aan Verdooren.

28 Nov. 1813 l).

Mededeeling, dat Adriaan Teyler van Hall gequalificeerd is om wegens hetzelve Gouvernement (het Algemeen Bestuur) over te nemen, in qualiteit als deszelfs agent, de administratie der Spaansche krijgsgevangenen, die zich alhier te lande bevinden, dezelve te verzorgen, alwaar zulks het meest gevoeglijk zal geoordeeld worden.

Gelastende en beveelende alle Heeren Maires der plaatselijke Regeering en Militaire commandanten de vereischt wordende hulp en medewerking te verleenen.

22. Tichler aan Verdooren.

28 Nov. 1813 2). Mededeeling, dat hij nog niet uit den Franschen eed ontslagen is, doch gaarne weder aan het thans regeerend gouvernement zijn dienst als een oprecht Vaderlander zou presenteeren, gelijk hij nu reeds twee en twintig jaren zijn

van der Plaat, die tijdens de Fransche overheersching „ingenieur en chef" van het departement der Zuiderzee was geweest, en den 2ó«en Nov. uit Nijkerk o.a. geschreven had : „Ik geef U W.E.G. in consideratie ot het voor de Engelschen niet van dienst en nut moet wezen, dat de vuren der Egmonden weder als voorheen branden enz. (Col. t.a.p. Inl. 130).

!) Uit Amsterdam.—Archief Amsterdam. Deze aanschrijving was waarschijnlijk noodig ter vervanging van een Franschen administrateur die vertrokken was. In den Helder waren + 1500 Spaansche krij°scevangenen; Ver Huell heeft dezen den 4.™ Dec. die plaats doen verlaten Zij zijn toen onder geleide van genoemden heer Teyler vvnHvii (een commissaris van de bank te Amsterdam) over Alkmaar, Haarlem Leiden en Delft naar Voorne gemarcheerd en vandaar bij gedeelten naar Engeland overgescheept.

2) Aan boord van de Corvet „Hyena" (waarvan de scheepsluitenant J. IJ. Tichler commandant was), liggende in de haven van Medemblik — Archief Amsterdam. De regeering van Medemblik had toen nog niet de zijde van den opstand gekozen. Hoewel de maire P. PONT daartoe alleszins geneigd was, had de onder-prefect Mollerus te Hoorn hem daarvan nog weten terug te houden. Intusschen had hij — kennisdragende van hetgeen in Amsterdam geschied was — de heeren Spanjaard en Gardenier naar commissarissen-generaal te Amsterdam afgezonden, om den toestand van zaken uiteen te zetten, „en ware het mogelijk een volmagt te ontvangen, om in alles met voorbijgaan van de orders van den onder-prefect aan den wil van het opkomend gouvernement te voldoen". Toen die heeren terug gekomen waren had den lsten Dec. de omwenteling te Medemblik plaats.

Sluiten