Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

SPORT IN BEELD.

28

Ons rood-wit-blauw werd door Kingma verdedigd. En de algemeene vraag luidde: waar zit Jaap Eden?

Enfin — deze laatste verscheen niet, en de, nog altoos snelle, Protin won den „Grand Prix" voor Impens en Houben. Toen gingen de monden open. Alom verklaarde men het, dat Eden niet was gekomen, omdat hij .... bang was voor zijn ouden tegenstander Robert Protin.

Wat hiervan aan is, wie zal het nu nog zeggen ? Met recht zeggen ? Een feit is het intusschen, dat Eden.... niet bang behoefde te wezen voor Protin. En het typische van het geval is, dat hij het juist dienzelfden dag bewees!

Jaap startte dd. 22 Augustus niet in Den Haag, maar te Leipzig, en wel in den,,Grooten Prijs" van die stad. Het gezelschap was er werkelijk internationaal en „first class". Meijers was er. De phenomenale Franschman Bourillon behoorde tot de deelnemers. En dan zag men er nog Büchner, Kaser en andere cracks. Een categorie van waarde dus!

En wat geschiedde ?

Eden zegevierde. En hij won op geweldige wijze. De oude Jaap was herboren. Hogenkamp zegt van den uitslag: „De Hollander demarreerde uit de vijfde positie, en sloeg Bourillon, die zoowat altijd eerste aankwam".

Men begrijpt, dat na dit heerlijk nieuws Jaap's populariteit weer danig was gestegen....

Jammer, zeer jammer was het inmiddels, dat een noodlottig toeval alweer een ontmoeting tusschen Protin en Eden onmogelijk zou maken. Beiden waren geëngageerd voor den „Grooten Prijs van Weenen", die, tusschen twee haakjes, op magistrale wijze door den Belg werd gewonnen. Maar Jaap was niet van de partij. Door een insecten-beet kreeg hij een infectie aan zijn keel, en zoo was rijden onmogelijk.

(Wordt vervolgd.)

De grappige hoek van Cocheret

Fokker is in het land, en Cocheret teekent Fokker. Dat is nog al logisch! De belangstelling van den caricaturist loopt vrijwel parallel met de publieke belangstelling. En waarlijk — een deel der massa neemt wel notitie van de aanwezigheid van dezen grooten compatriot in onze contreien.

Fokker dan! A. H. G. Fokker! Hij is Indischman van origine, want hij aanschouwde dd. 6 April 1890 te Kediri het levenslicht. Men noemt Fokker zoo vaak Haarlemmer, maar dit is er dus naast. Wel is hij in de Spaarne-stad ingeburgerd, toen de familie den gordel van smaragd het vaarwel toewuifde, en zich in Haarlem vestigde.

Daar is Tonnie school gegaan, en daar ook is hij begonnen met knutselen. Laten wij het aldus maar uitdrukken: hij was een beter knutselaar dan scholier. Dat toonde hij o.a. door zelf een cano in elkaar te zetten, en daarmede rond te pagaaien. Fokker was toen 12 jaar.

Toen begonnen de Wrights met hun experimenten. De jonge baas volgde met enthousiasme hun verrichtingen, en.... wilde zélf ook gaan vliegen. In die dagen was er echter nog een papa Fokker, die meer te zeggen had dan zijn zoon. Tonnie wenschte een vliegtuig. Hij kreeg er geen. Afgeloopen!

Of.... afgeloopen? Neen, nu begon de pret pas. De jeugdige Fokker toonde al in die dagen een wil te bezitten, sleepte bamboelatten en linnen naar den zolder van het ouderlijk huis, en zette handig een glijvliegtuig in elkaar.

Dat is dan de proloog. Het eerste bedrijf speelt zich af in een vakschool voor automobiel- en vliegtuig-techniek te Mainz, zooals Pottum ons in zijn aardig werkje „De verovering van het luchtruim" verhaalt. Fokker wordt scholier, maar in de eerste plaats houdt hij niet van schoolgaan, en secundo blijkt hij eigenlijk beter les te kunnen geven dan.... zijn leeraar. Van Mainz dus naar Wiesbaden! Daar leerden de discipelen niet alleen construeeren, maar mochten ze hun proefstukken ook in de praktijk beproeven. Fokker fabriceert, vliegt, en vliegt de boel aan brokken.

Dan verhuist onze koene Hollander naar de Goedecker Werke, gaat daar nogmaals zelf aan het ineen-zetten van een aeroplane, en hij smaakt het genoegen, dd. 5 Mei 1911 in de buurt van Mainz wat rond te snorren, waarna

Fokker tenslotte dd. 27 Mei zijn brevet haalt.

Daar is dus het fundament gelegd voor het latere slagen, dat vooral tijdens den oorlog

een voldongen feit werd! Toen bleek Fokker een der beste constructeurs te zijn, geëerd door de Duitschers, gevreesd door de Franschen.

Van dezen grooten man, dezen belangrijken landgenoot, lang niet genoeg geëerd in onze contreien, hieronder een Cocheretje!

Sluiten