Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

27

SPORT IN BEELD.

Hlf & ft 11JF fl Vf T0T N0G T0E V00R NEDERLAND

MAnlVluN „DE GROOTE ONBEKENDE"

— „dien dag zal ik nooit vergeten. Het werd mij toen duidelijk, tot welke onbegrensde mogelijkheden de ring iemand met aanleg brengen, verheffen kan. In een oogwenk werd ik van een provincialen jongen in een grootsteedsch wezen gemetamorfoseerd. Het publiek begrijpt absoluut niet, welke typische ervaringen een bokser wel opdoet. Al lijkt het ook ongelooflijk, het is toch de waarheid, dat de man die mij tot het boksen bracht, en mij voor dit gevecht 25 francs had betaald, nu eensklaps bereid was om mij te Monte-Carlo 4000 dollar uit te betalen. Later, toen ik in Londen bokste, en dat meermalen, met vrij geregelde tusschenruimten, bereikten mij ontelbare brieven, ja, liefdesbrieven van meisjes en dames, en allen verzochten niet, neen, bedelden om mijn portret. Mijn weg was met rozen bestrooid — zooals het in het lied heet."

Dan laat Carpentier er eenigszins ironisch op volgen: „En dat bleef zoo totdat het publiek bemerkte, dat ik aan het einde van mijn loopbaan was .. . . "

De eerste kampen als beroepsbokser!

Georges Carpentier zou dan opgeleid worden tot beroepsbokser, en Francois Descamps deed hem een geregelde, maar zware training ondergaan. En onderwijl keek de leermeester naar tegenstanders uit. Dra zou zich de eerste voordoen.

Natuurlijk waren er toen al beroepsboksers in Frankrijk van reputatie. Tegenover die zijn pupil te stellen, Descamps vond het blijkbaar wat riskant. En toch wilde hij niet, dat Carpentier zijn eerste match zou boksen met een onbekende grootheid. De tegenstander moest in elk geval iemand van naam zijn.

Descamps was zeker een zeer typisch man. Een soort van wondermensen! In die dagen was hij al als gedachten-lezer, magnetiseur, fakir opgetreden, en ook Georges oefende hij in het goochelen, in acrobatische toeren, ja, hij maakte van den jongen zelfs een slangenmensch. Was dit misschien een middel om gedekt te zijn, mocht de pugilistische kuur mislukken, mocht uit Carpentier geen groot, veel geld verdienend bokser groeien, zooals Descamps had voorspeld ? Zoo was ook de keuze van den eersten tegenstander hoogst eigenaardig.

Carpentier beschrijft het geval vrij simpel, maar toch typeerend, aldus: „Toen ik 13 jaar oud was, had ik twee verschrikkelijke gevechten in Maisons-Laffitte te leveren met een zekeren Salmon, een volwassen man, die in zijn tijd een beroemde jockey was geweest. Zóó begon ik."

In die enkele woorden ligt toch wel een geweldige tragiek. Hoe rooskleurig het later leven van Carpentier ook geweest moge zijn, het wil wat zeggen, dat een kind tegenover een fikschen kerel komt te staan, die zijn meppen heeft te incasseeren, en zelfs moeite moet doen om den sterkere in het zand te doen bijten.

••^Inmiddels, genoemde Salmon had tot alle Fransche boksers, die minder dan 45 KG. wogen — de man was jockey, en was dus zelf niet al te zwaar gebouwd — eene uitdaging gericht, en uit naam van Georges nam Descamps deze uitdaging aan. Dd. 1 November 1908 vond de match te Maisons-Laffitte, waar immers de beroemde renstallen gevestigd zijn, en de jockeys wonen, plaats. Het zou de eerste maal zijn, dat Georges om geld zou vechten.

Descamps zelf vertelt het volgende van dit debuut: „De match werd in de groote zaal van het Café de Paris gehouden, en wel voor een talrijk publiek, dat voornamelijk uit Engelschen en Parijzenaars bestond. Een zekere meneer Tom Hunt had een beurs van 300 francs uitgeloofd. Men verwachtte algemeen te Maisons-Laffitte, dat Salmon op zijn gemak zou winnen. Maar reeds in de tweede ronde sloeg Carpentier door een prachtigen kaakslag den jockey ter aarde, waar hij vijf seconden bleef liggen. Hij, Salmon, herstelde zich echter, en na de vijfde ronde scheen het, of hij inderdaad ging zegevieren. Hij kwam zelfs in het voordeel. Maar ook Carpentier beet op z'n tanden, en tot aan de tiende ronde vochten de twee kleine mannetjes als ware kemphanen. Op dit moment

beging de jockey echter een fout. Hij sloeg te laag, en raakte Carpentier, die op den grond rolde, onder den gordel. Salmon was zeer sportief, en erkende zijn fout. En de scheidsrechter riep onmiddellijk daarop den jeugdigen Carpentier tot overwinnaar uit."

De uitslag was echter een zoodanige, dat er een revanche-match moest plaats vinden. Reeds den 30sten November werd deze gehouden, en weer te Maisons-Laffitte. Ditmaal werd Georges, na een hardnekkig gevecht van 18 ronden, geklopt, maar uit alles bleek toch, dat de knaap wat in zijn mars had. Het blad „Les Sports" schreef nl. van deze match: „De wedstrijd was buitengewoon, en allen, die hem hebben bijgewoond, zullen moeten verklaren, dat zij, wellicht in de laatste tien jaar, zulk een gevecht niet hebben gezien. Carpentier heeft zich hier geopenbaard als een groot pugilist. Want het kan alleen een groot pugilist zijn, wanneer een kleine jongen van 13 jaar het 18 ronden uithoudt, 18 ronden van 3 minuten, tegen een bokser van den eersten rang, terwijl de knaap Salmon bijna in het begin van den strijd al had overwonnen. En wij zijn er zeker van, dat binnen enkele jaren dezelfde Carpentier zonder twijfel een kampioen zal zijn, een waardig kampioen, die zich in zijn gewicht met eiken bokser ter wereld zal kunnen meten. In de dertiende ronde, toen Carpentier in zijn maag was geraakt, viel hij in de touwen, en vandaar buiten den ring. Maar direct ook stond hij weer op, en begon weer te vechten. Men dient op te merken, dat de ring niet op voldoende wijze was ingericht, en in plaats van drie, slechts door twee touwen was omgeven. Nadat Carpentier was teruggekomen, werd het gevecht op de meest vinnige wijze voortgezet. In de veertiende ronde werd Carpentier tot tweemaal toe gevloerd, maar wéér stond hij op, en bond nogmaals den strijd op een uiterst moedige wijze met zijn tegenstander aan. Op dat oogenblik vroeg Francois jDescamps aan den jongen, of hij nog in staat was door te gaan. Waarop Carpentier het nijdig uitschreeuwde: Ben ik soms een verdronken kip ? Maar zijn krachten waren nog niet voldoende. In de vijftiende ronde viel hij tot driemaal toe neer, in de zestiende twee keer. Iemand in de zaal riep het hem toe: Nou is 't genoeg, je moet je terugtrekken! Inderdaad hield Georges even op, maar het was slechts om den schreeuwer eens smakelijk uit te lachen. Desondanks was het met hem gedaan. In de zeventiende ronde kreeg hij tot vier maal toe den knock-down. Maar steeds weer stond het knaapje op en pakte weer aan. Toen kwam de achttiende ronde. Georges had verklaard, dat hij in elk geval de twintig ronden wilde uitvechten, en hij stormde op Salmon toe, hem als een radelooze meppend. Maar vruchteloos! Weer vloert de jockey hem. Weer wil Carpentier opstaan. Op dat oogenblik springt Bob Scanion, die hem met Descamps verzorgde, in den ring, knelt hem in zijn armen en draagt hem weg. Georges verweert zich, en gilt het uit, dat hij het gevecht wil doorzetten. En het publiek, dat nog nimmer zulk een einde van een match heeft bijgewoond, barst in luid applaus uit. Salmon, met zweet en bloed overdekt, stapte op zijn tegenstander toe, en zoende hem op beide wangen. Hij poogde hem te troosten, en hij vertelde, dat Georges hem niet alleen flink had geraakt, maar dat hij, Salmon, menigmaal had geloofd, dat hij ging verliezen. Het jongetje was evenwel troosteloos, en nogmaals schreeuwde hij het, dat hij best tot het einde had kunnen volhouden."

Dat was het einde van het begin van Carpentier's loopbaan als beroepsbokser. Men kan uit het verslag opmaken, dat het een ware strijd van twee kampioenen, wat Ausdauer betreft, is geweest. Inmiddels heeft elke medaille haar keerzijde. Al waren degenen, die den kamp bijwoonden, ook vol geestdrift, anderen — en dit aantal was zeer groot — veroordeelden de ontmoeting op heftige wijze. De pers keurde de zaak af. Verschillende menschen schreven aan Descamps, dat het een schande en een krankzinnigheid was om een jongen van nog geen vijftien jaar zulk een vuurproef te laten doorstaan.

„Door al dat geschrijf" — aldus de leermeester — „begon ik na te denken. En ik kwam tot de conclusie, dat inderdaad de matches van twintig ronden te zwaar waren. En nog op een andere wijze was het ge-

Sluiten