Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

493

van haast al de oude „voorslagen" in de ovens der kunstrijke gebroeders, om als welluidende klokkenspelen weder in de torens te komen. Alleen enkele kleinere steden, die in weinig bloeienden staat waren, zooals Edam, Monnikendam, Arnemuiden, Veere, bleven zich met de oude klokken behelpen.

(Slot volgt).

BIJDRAGE TOT DE STUDIE DER KRITIEK

door

Jhe. A. RAPPARD.

In deze bijdrage wensch ik enkele beschouwingen te geven van principieele strekking, waarin ik trachten wil uiteen te zetten welke de meest algemeene en gedeeltelijk ook elementaire grondslagen zouden kunnen zijn om te geraken tot een studie der kritiek — en met het oog op den aard van dit tijdschrift — meer speciaal: de muziekkritiek. Daar echter de plaatsruimte, noodig tot duidelijke vaststelling der begrippen daaromtrent, in dit tijdschrift een te onbescheiden groot gedeelte zou beslaan zal ik mij in dit artikel slechts bepalen tot nadere bespreking van het verband en het verschil, dat tusschen kunst en wetenschap kan worden geconstateerd en daarna nagaan hoe de kritiek zich tusschen beiden: verbindend en begrensend beweegt. In bijzonderheden zal ik, om dezelfde reden als boven, niet treden zoodat het eigenlijke doel van dit opstel zij: een pogen om een weg aan te wijzen, die kan leiden tot de erkenning der kritiek als retrospectieve kunst.

Daarbij dien ik vóór alles te vertellen wat ik onder „kritiek" versta, daar er niet altijd door verschillende menschen met dit woord hetzelfde bedoeld wordt. Het gedeelte der kritiek namelijk dat in dit opstel nader beschouwd wordt is: de essayistische beschouwing van een zeker kunst-onderdeel, vastgeknoopt aan de kunst (gegeven, of hergeven, door compositie of voordracht van eenig kunstwerk). Eerst wanneer de bedoeling dézer kritiek behoorlijk omlijnd is, zal als vanzelf een — als men het zoo noemen wil — „theoretische" beschouwing over kritiek als gemotiveerd of ongemotiveerd kunst-oordeel kunnen volgen. Onder deze laatste kritiek is één soort, waarmede het publiek het meest in direkte aanraking komt: namelijk de Recensie. De recensie, veelal een journalistiek werk, ligt feitelijk méér op het gebied der journalistiek, dan op dat der kritiek en juist de recensie is het, die voor het publiek, de alléén — en alom — bekende soort kritiek is. Doch — de woorden die ik boven schreef, herhalende: — „de kritiek als retrospectieve kunst", is bij het publiek, weinig bekend en m. i. te weinig. Vandaar dat ik een poging, wilde doen, deze soort kunstkritiek bij den lezer te introduceeren. Mocht het dan

Sluiten