Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

532

sombere, droevige melodie van een zeer bizonder karakter voordraagt. De begeleiding is er geheel op ingericht een mystiek klankeffect te weeg te brengen. De hooge blaasinstrumenten ontbreken geheel; fluiten en trompetten is de medewerking ontzegd; hoorns, bazuinen, fagotten en bas-clarinet, worden in duistere accoorden vereenigd; de strijkinstrumenten zijn allen veelvuldig verdeeld, waardoor eene veelstemmigheid (somtijds tot 15 stemmen toe) ontstaat, die zich over een groot gedeelte van het toongebied uitstrekt. Voeg daarbij dat de harmonieën vreemd, eigenaardig en somber zijn, en men zal begrijpen dat hier een muzikaal beeld van zeldzame raakheid en treffende karakteristiek geteekend is.

Een ander werk, eveneens door de Kalevala geinspireerd, is de legende „Lemminkainen zieht heimwiirts". „Lemminkainen" — zoo luidt de verklaring in de partituur — „is de krijgsheld, de Achilles der finsche mythologie. Zijne schoonheid en onverschrokkenheid maken hem tot den lieveling der vrouwen. Uitgeput door eene lange reeks van oorlogen besluit Lemminkainen weer naar zijn geboortegrond terug te keeren. Zijne zorgen en bekommernissen herschept hij in strijdrossen; daarna begeeft hij zich op den weg. Na eene tocht, rijk aan avonturen komt hij eindelijk in zijn geboorteland aan, en vindt daar de plekken weer, zoo vol van herinneringen aan zijne kindsheid".

Dit geheel andere onderwerp is door den componist ook op geheel verschillende manier weergegeven. Nu een vlot tempo, dat tot 't eind van het stuk toe, steeds sneller wordt; nu eene heldere, krachtige instrumentatie met twee piccolo-fluiten en veel luid-klinkend koper. Maar ook hierin, en misschien wel in wat overdreven mate, de eigenschap die we later in andere werken meermalen zullen tegenkomen, en die ik zou willen aanduiden als eene te ver gedreven zucht om consequent te zijn. Motieven, figuren, passages worden tot in 't uiterste volgehouden en uitgewerkt! Dat alles is dan volgens de regelen der compositie-leer wel volkomen te verklaren en te rechtvaardigen, en volgens de wetten der logica zeker niet onjuist te noemen, maar de hoorder die niet in staat is „in den breede" te hooren, die door 't vele wat hem geboden wordt, den draad wel eens verliest, zal allicht de woorden: „langdradig" en „eentonig" mompelen. Hoort men 't stuk onbevooroordeeld, met juist begrip van de situaties dan is de indruk, trots de bovengenoemde eigenaardigheden, wel treffend.

Scherp contrasteerend met deze twee werken zijn de Karelia-Ouverture en de Karelia-Suite. Rosa Newmarck zegt hiervan: „Zij hebben eene bizondere, ethnografische beteekenis. Karelia is de zuidoostelijkste provincie van Finland en ligt tusschen de finsche golf ten westen, en de eenzame oevers van het Ladagameer ten oosten. Minder schilderachtig dan de westelijke provinciën, is Karelia toch bizonder belangwekkend, want het is in zekeren zin de vesting van den volksgeest, de stapelplaats der volkssagen gebleken. De Karelianer vertegenwoordigt de vroolijke, de Tavaste (noordelijke Finnen) de duistere zijde van het finsche type. Dit contrasteerende type heeft de componist getracht te karaktiseeren in de Karelia-Ouverture en -Suite.

Het is eenigszins merkbaar dat Sibelius, om 't karakter der Karelianers te typeeren, zijne natuur heeft moeten geweld aandoen. Niet overal vloeit de melo-

Sluiten