is toegevoegd aan uw favorieten.

Tijdschrift voor Neerland's Indië jrg 1, 1897 (1e deel) [volgno 10]

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

762

arbeid niet of niet geheel in eigen levensonderhoud kan worden voorzien, wekelijks geheel of gedeeltelijk geld tot aanschaffing van de noodige levensbehoeften.

Wat het eerste punt betreft zoo is het niet meer dan billijk, dat de Staat, van wien'de proefneming uitgaat, toeziet dat de kolonisten werkelijk zijn de elementen die men behoeft: geschikte landbouwers, veeboeren, grondwerkers enz., tot veldarbeid geschikt en gezind, gezond, matig en van goed zedelijk gedrag. Het verzuimen van dien eersten voorzorgsmaatregel was mede een oorzaak van mislukking der proefneming van 1845.

Van het gehalte der kolonisten zal veel afhangen. Zij moeten zijn toegerust met de noodige moreele en physieke eigenschappen, maar bovendien behooren zij wat de intellectueele ontwikkeling betreft, te staan boven het gros der gewone boeren en veldarbeiders, personen nl. wier bevattings- en begripsvermogen hun in staat stelt het vroeger geleerde toe te passen op de nieuwe toestanden waaronder zij leven. Bovendien eenerzijds personen, voor wie elke verandering eene verbetering is, maar die toch door een te langen strijd tegen armoede en achteruitgang niet zijn ontzenuwd. Voor deze nieuwe proefneming behoeft men uitsluitend krachtige en intellectueele individuen.

De Commissie wil toezicht en controle doen uitoefenen door een comité of een ambtenaar. De voorkeur zou ver-dienen de aanstelling van een commissaris, die hetzij door zijn vroegeren werkkring, hetzij door onderzoek ter plaatse op de hoogte is van de toestanden in Suriname. Het Verslag bevat weliswaar vele onmisbare inlichtingen omtrent de aanneming als kolonist, den overtocht, de huisvesting, de leefwijze, de kleeding enz., maar slechts iemand die zich door eigen aanschouwing geheel op de hoogte heeft gesteld, zal in staat zijn anderen naar eisch voor te lichten.

Voor het welslagen der proefneming is het onmisbaar