is toegevoegd aan uw favorieten.

Marineblad jrg 54, 1939, no 8

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Marineblad

vegers". Deze schepen zijn oorspronkelijk ontworpen als convooibegeleiders, doch ook voor de antiluchtdefensie van belangrijke havens enz. zullen zij groote diensten kunnen verleenen.

De kruisers-luchtvegers hebben een bewapening van 10 kanons van 10 cm anti-lucht- en 11 zware machinekanons. De maximum capaciteit is 200 licht-explosieve granaten van 30 pond per stuk per minuut en een enormen stroom lichte granaten.

Modernisatie slagkruisers

De slagkruiser „Hood" zal binnenkort onder handen genomen worden om te worden gemoderniseerd. De modernisatie van de „Renown" heeft 2 jaar gevergd (de kosten bedroegen 50 % van de oorspronkelijke aanbouwkosten), doch verwacht wordt, dat de „Hood" eerder gereed zal zijn, omdat in de „Hood" reeds verschillende „Jutlandervaiingen" zijn verwerkt.

De „Renown" kreeg o.m. nieuwe ketels en voortstuwingsorganen.

De ramp met de „Thetis"

Den le Juni 1939 kreeg de Commander in chief te Plymouth (Admiraal Sir Dunbar Nasmith V.C.) ten 6 u. 20 a.m. bericht, dat de „Thetis" niet naar de oppervlakte was gekomen. Onmiddellijk werden de „Brazen", 8 jagers van de 6e jagerflottielje, 6 mijnenvegers en 2 onderzeebooten uitgestuurd om naar de „Thetis" te zoeken. Ook werden vliegtuigen uitgezonden.

Ten 9 u. 20 a.m. rapporteerde een R.A.F.-eskader, dat de „Thetis" was ontdekt en dat er een boei bij was gegooid. 2 Juni ontdekte H.Ms. „Brazen" de „Thetis" ten 7 u. 54 met het achterschip 18 voet uit het water. Kort daarop kwamen de eerste 2 opvarenden met het Davis-apparaat boven. Een daarvan was kapitein ter zee Oram, die rapporteerde, dat de omstandigheden aan boord ongunstig werden, hoewel alle opvarenden nog in leven waren. Ten 9 u. 45 kwamen wederom 2 man aan de oppervlakte.

Duikers gingen naar beneden ten einde te trachten den achtersteven te lichten en een gat boven water te snijden. Zooals de situatie van het schip echter was, zou bij het maken van een gat de kans op volloopen van de boot zeer groot zijn. Toen de vloed doorkwam, raakte de achtersteven onder water en kwam niet meer boven; door den sterken stroom werd zij ondergedrukt.

Een dokter rapporteerde, dat de overlevenden ernstige vergiftigingsverschijnselen t.g.v. COa vertoonden; opnieuw werd getracht vóór H.W. den achtersteven te lichten, hetgeen weer mislukte. Men

U.S.R. 4.5.39.

U.S.R. 11.5.39.

988