is toegevoegd aan je favorieten.

Marineblad jrg 54, 1939, no 9

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Uit de Pers

die zich in de wereld van morgen als een enorme machtsuitoefening kunnen laten gelden.

Zulk een feit is bijv. een belangrijke opvoering van het aantal slagschepen, Waartoe dit jaar door de Japansche regeering is besloten. Deze zullen worden uitgevoerd in een soort zesjaars-vlootprogram, waarbij het in de bedoeling ligt, dat deze slagschepen begin 1946 in dienst kunnen worden gesteld.

Dit feit zal omstreeks dien tijd aan de politiek-strategische verhoudingen in OostAzië een bijzonder gevaarlijk karakter verkenen (wij hebben daarop al eens eerder de aandacht gevestigd). Thans is de positie zoo: Japan beschikt over een negental oudere doch gemoderniseerde slagschepen, maar acht deze noodig voor de bescherming van de eigen (moederlandsche) wateren.

Het is bijv. opmerkelijk, dat de Japansche marineleiding nimmer slagschipformaties om de zuid zendt, noch voor operaties tegen de kust van China, noch voor het uitvoeren van vlagvertoonbezoeken in vreemde havens. Angstvallig reserveert Japan deze slagschepen voor de dekking van het eigen land en terecht. Waren aanvankelijk Groot-Brittannië en Frankrijk in staat eenige slagschepen af te zonderen voor de stationeering in de Oost-Aziatische wateren, sinds de ontwikkeling die de internationale verhoudingen na het accoord van München genomen hebben, tengevolge waarvan zij hun geheele slagvloten in de Europeesche wateren moeten geconcentreerd houden, kan er geen enkel „capital ship" voor beschikbaar worden gesteld — nog dezer dagen uitte het Engelsche weermachtstijdschrift „The United Services Review" de verzuchting; konden de Franschen maar hun beide slagkruisers „Dunkerque" en „Strasbourg" naar Singapore sturen, — zoodat ook zelfs het Potentieele machtsevenwicht in Oost-Azië is verbroken.

Een stoot naar het zuiden tegen de bezittingen der Westersche mogendheden is dan ook voor Japan het meest voordeelig en het minst riskant, wanneer het, zonder de eigen wateren al te zeer van slagschepen te ontdoen, over 5 a 6 jaren een extra aantal slagschepen ter beschikking zal hebben. Dan zou het een succesvollen stoot naar het zuiden kunnen doen met zeestrijdkrachten waarvan ook slagschepen deel uitmaken, indien.... geen enkele Westersche mogendheid op dat oogenblik en op die plaats slagschepen zou kunnen inzetten.

Voor Groot-Brittannië en Frankrijk is dit laatste ook op dat toekomstig oogenblik onwaarschijnlijk, omdat zij, ook na de voltooiing van hun nu in uitvoering zijnde maritieme herbewapening, al hun slagkracht in Europa noodig kunnen hebben om de machtsontwikkeling van de as-mogendheden te binden.

Het behoeft geen betoog, welk een hoogst moeilijke situatie dan zou ontstaan voor Nederlandsch-Indië, indien de overige Westersche mogendheden zich in dft Wateren op slechts zeer schamele wijze kunnen weren en geen man en geen schip, en geen vliegtuig over zullen hebben om ons te helpen (afgezien van het feit, dat Wij op deze duur te betalen hulp zoo gesteld zouden zijn).

Het stationeeren van eenige slagschepen zou den Japanners dwingen de convooien, die het opereerende slag-eskader met het op 3.000 zeemijlen gelegen Japan verbinden en zonder welke dit slageskader verlamd is, eveneens met slagschepen te beschermen. Dit convoyeeren met slagschepen over zulk een afstand in verband met het groote getal convooien (minstens zes), is iets dat volgens onze marinedeskundigen, zelfs de grootste zeemogendheid boven de krachten zou gaan. Bezit Nederland slagkruisers, dan moe? Japan van een aanval afzien.

Met gespannen aandacht volgen de buitenlandsche mogendheden en met name Engeland en Frankrijk, of Nederland nu inderdaad slagkruisers gaat bouwen. Zelfs de Duitsche regeering heeft hiervoor, hoe paradoxaal dit moge klinken, evenzeer groote aandacht, want ondanks haar samenwerking met Japan (men lette op den datum van deze uitspraak, Red.) ziet zij niet gaarne den Westerschen invloed in

1173