is toegevoegd aan uw favorieten.

De ingenieur; Vijftigjarig jubileum van de Koninklijke Akademie en Polytechnische school te Delft-4januari 1893. jrg 7, 1892, no 54 [Bijlage]

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

15

dat eene opmerking, hoe gering ook, werd gemaakt, een bedrag groot f 128,000 werd toegestaan als eerste termijn voor een gebouw, dat f 223,000 moet kosten. En nu zal dit gebouw wel is waar voorloopig slechts dienen voor het onderwijs, dat door Prof. Schols wordt gegeven, en voorts voor de triangulatie, doch blijkens de mededeelingen door de Regeering aan de Kamer gedaan, is het de bedoeling, na afloop der triangulatie-werkzaamheden, het geheele gebouw aan het onderwijs der P. S. ten goede te doen komen. Na afloop der triangulatie-werkzaamheden ! Is dit geen wissel op de eeuwigheid, vraagt wellicht iemand, die zich herinnert hoe er een tijd geweest is, toen men dacht, dat Stamkart met de triangulatie nagenoeg gereed was gekomen, en dan vreest, dat de triangulatie van Schols weêr door eene van nog hoogere orde gevolgd zal worden (1).

Wat nood echter voor de P. S. Want van tweeën een, óf voor de nauwkeurigste der nauwkeurige driehoeksmetingen zullen aan nog meer eischen voldoende lokalen benoodigd zijn dan nu gesticht worden, en in dat geval zal de P. S. het wel met deze laatste kunnen stellen, óf de Regeering zal op andere wijze den wissel moeten honoreeren, dien zij onlangs geaccepteerd heeft, door in de M. v. A. betreffende het wetsontwerp, waarbij bovengemeld bedrag was aangevraagd, het volgende ter neer te schrijven:

«Het heeft ook een punt van overweging uitgemaakt welke bestemming later te geven is aan de lokalen, die thans bepaald ten behoeve van de Rijks driehoeksmeting worden gesticht. De gebouwen der Polytechnische School laten in menig opzicht te wenschen over en missen ruimte voor verschillende gedeelten van het onderwijs. Reeds nu heeft de directeur erop gewezen, dat de na afloop der driehoeksmeting vrijkomende lokalen in de behoefte aan collegekamers voor wiskunde, theoretische en toegepaste mechanica, staathuishoudkunde, waterbouwkunde en teekenzalen voor waterbouwkunde, graphostatica, werktuigleer en werktuigkunde konden voorzien, tengevolge waarvan in de thans tot de Polytechnische School behoorende gebouwen ruimte gewonnen zal worden en in menigen ongunstigen toestand verbetering worden gebracht."

Is dit geen lijstje om Ss. te doen watertanden?

Er valt dus veel te verbeteren en aan te vullen in de P. S., het is door de Regeering in de zitting 1891—92 ruiterlijk erkend en thans is met het tot stand brengen der verbeteringen een begin gemaakt.

Dit zijn belangrijke winstposten, die zorgvuldig geboekt dienen te worden.

Wat bracht het zittingjaar 1892—93 tot dusverre ? Belooft het een even vruchtbaar jaar te worden ?

We kunnen als gewoonlijk den lezer de lectuur van het V. V. besparen en beginnen met de M. v. A.

Wat lezen wij in dat Staatsstuk ?

»De oprichting van een proefstation, waar bouwmaterialen en brandstoffen (?) wetenschappelijk kunnen worden onderzocht, is reeds vroeger aan de Regeering gevraagd, doch aan het verlangen is geen gevolg gegeven, omdat geoordeeld werd, dat de oprichting van Staatswege van zoodanig proefstation eene uiterst kostbare zaak zoude wezen, welke voortdurend wegens het aanschaffen van nieuwe instrumenten en het nemen van allerlei proeven groote sommen zal vereischen. Intusschen is de ondergeteekende bereid de zaak opnieuw te onderzoeken."

»De behoefte, die er bestaat aan uitbreiding der hulpmiddelen ten behoeve van het onderwijs in de electro-techniek, is in de Regeeringsverslagen over den staat der hoogere, middelbare en lagere scholen herhaaldelijk erkend. Om daarin in voldoende mate te voorzien is in de eerste plaats noodig verbetering der lokaliteiten, waartoe men wegens de vele dringende behoeften bij andere instellingen van onderwijs tot dusverre niet heeft kunnen overgaan."

Bij de openbare beraadslaging in de zitting van 14 December j.1. werd door den heer Havelaar op de oprichting van een proefstation krachtig aangedrongen. Van de Regeeringstafel vernam men in antwoord op zijne rede het volgende:

»Het gewichtig belang, door den geachten afgevaardigde uit Gouda ter sprake gebracht, de inrichting van een proefstation voor bouwmaterialen te Delft, wordt door mij in geenendeele miskend. Het voordeel van zoodanig proefstation, niet alleen voor het onderwijs aan de Polytechnische School, maar evenzeer' voor onze ingenieurs en bouwmeesters, ligt voor de hand. Maar de groote kosten aan de inrichting van zoodanig proefstation verhonden, hebben tot dusverre de Regeering daarvan afgeschrikt. Ik zal echter de toezegging der Memorie van Antwoord gestand doen en omtrent deze zaak een nader onderzoek doen instellen. Mocht dit meer bevredigende uitkomsten opleveren, dan

(1) Volgens een bericht in «Bauzeitung» n°. 91 van dit jaar is de uitvoering van een nog nauwkeurigere waterpassing dan de Nauwkeurigheidswaterpassing niet onmogelijk te achten.

zoude wellicht aan het verlangen van den geachten afgevaardigde kunnen worden voldaan."

De belangen van het electrotechnisch onderwijs kwamen bij de mondelinge behandeling der begrooting niet weder ter sprake. Daarentegen werd door de heeren Van de Velde en Van der Borch van Verwolde een nieuw onderwerp in het debat gebracht, nam. de opleiding der technologen. Van eerstgenoemden afgevaardigde, vernam men. dat de driejarige cursus voor de technologen in een vierjarigen was veranderd, dat in verband daarmede de bacteriologie in het onderwijsprogramma was opgenomen, doch het onderwijs in dit vak tot dusverre achterwege moest blijven bij gebreke aan een docent en aan de noodige lokalen en hulpmiddelen. Op voorziening in deze leemten werd door beide genoemde afgevaarden aangedrongen.

De Minister van Binnenlandsche Zaken gaf den sprekers het onderstaand bescheid:

«Het gemis van bacteriologisch onderwijs aan de Polytechnische school te Delft wordt sedert jaren gevoeld. Sedert lang had de Regeering het voornemen om daaraan te gemoet te komen. Dat zoude reeds zijn geschied ware het niet dat daartegen tweeërlei bezwaar bestond. In de eerste plaats kon de Regeering, en kan zij op dit oogenblik nog niet beschikken over de noodige onderwijskrachten om dezen leerstoel aan de Polytechnische school op waardige wijze te bezetten. En vervolgens zoude de vervulling van dien leerstoel binnen korten tijd de stichting met zich brengen van een kostbaar bacteriologisch laboratorium. De vervulling van dezen laatsten eisch zoude wel het zwaarst op de Staatsbegrooting drukken. Maar ik zoude er niet tegen opzien om de noodige gelden aan te vragen, kon slechts aan de andere voorwaarde op behoorlijke wijze worden voldaan en voor dezen leerstoel de in elk opzicht gewenschte man worden aangewezen. Tot antwoord op de door de geachte afgevaardigden uit Delft en Schiedam gedane vraag, kan ik daarom slechts de toezegging doen, dat, zoodra de Regeering zich zal zien in staat gesteld, om den leerstoel voor de bacteriologie aan de Polytechnische School op waardige wijze te bezetten, eene aanvraag om de daarvoor noodige gelden aan de Staten-Generaal zal worden gedaan."

Tot eenige opmerkingen mogen het bovenstaande mij aanleiding geven.

Proefstation. De heer Havelaar kenschetste de M. v. A. als: „ontmoedigend, doch welwillend." Het wil mij voorkomen, trots hetgeen door den Minister mondeling is geantwoord, dat de Regeering nog niet in genoegzame mate doordrongen is van de groote waarde en de groote beteekenis van een dergelijk station.

Doch er bestaat m. i. alle hoop, dat het in uitzicht gesteld nader onderzoek een voor de zaak van het proefstation gunstig resultaat zal opleveren, mits de Regeering haar licht ga zoeken ter plaatse, waar zulks betreffende dit onderwerp werkelijk te vinden is. Dus niet bij de stellers van zinnetjes als er in de M. v. A. voorkomen, zinnetjes, die de onderteekenaar van dit Staatsstuk, wanneer het beloofd onderzoek zal zijn afgeloopen, naar ik vermoed niet anders dan met een schouderophalend glimlachen zal kunnen herlezen.

Er is ook in den laatsten tijd aangedrongen het technisch onderwijs over te brengen naar het Departement van Waterstaat. Terecht heeft de Regeering zich tegen deze overbrengingverzet, wijl daardoor de gewenschte eenheid bij de behartiging der onderwijsbelangen verloren zou gaan. Doch men zou deze overbrenging moeten gaan wenschen, wanneer, zooals tot dusverre klaarblijkelijk het geval is geweest, aan de afdeeling Onderwijs van het Departement van Binnenlandsche Zaken ook in het vervolg te veel op de theorie en te weinigop de practijk wordt gelet.

Het moet toch treffen, dat het kostenbezwaar zeer zwaar schijnt te wegen, waar het geldt het practisch gedeelte van het onderwijs tot zijn recht te doen komen en daarentegen nagenoeg zonder tegenstand van beteekenis bijna 2V4 ton gouds wordt toegestaan ten behoeve van het onderwijs van meer theoretischen aard. Niet, dat wij het bouwen van de sedert vele jaren gevraagde lokalen voor landmeten, waterpassen en geodesie niet moeten toejuichen, doch onze dankbaarheid wordt al dadelijk getemperd, wanneer wij bedenken dat de verbetering minder te danken is aan belangstellingvoor de P. S„ dan wel aan een gelijksoortig gevoelen voor de triangulatie. Zooals boven reeds is medegedeeld kan het dan ook nog zeer lang duren. voordat de 2'/4 ton goud geheel aan de P. S. zullen ten goede komen. Met het oog daarop kan de vraag niet uitblijven, of een zoo belangrijke som niet besteed had kunnen worden op een meer doelmatige wijze, of het niet mogelijk ware geweest een gedeelte van het bedrag reeds dadelijk aan het practisch gedeelte van het onderwijs