is toegevoegd aan uw favorieten.

Marineblad jrg 55, 1940, no 1

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Marineblad

C. Nadere bespreking der voorziening op het Noorderf rontier.

Bij het ontvangen van het „Waarschuwingstelegram" en het „Mobilisatietelegram" werden achtereenvolgens de voor den intendance-dienst voorgeschreven maatregelen genomen.

Onmiddellijk werd overgegaan tot het aanschaffen van de benoodigde tarwe en het mocht gelukken bij verschillende handelaren te Amsterdam, Schagen en Alkmaar zooveel aan te koopen, dat op 4 Augustus aan den „hoofdintendant der zeemacht" mededeeling kon worden gedaan, dat met inbegrip van 30 last tarwe, die vanwege dezen autoriteit zou worden toegezonden, in de Stelling „Helder" beschikt kon worden over den benoodigden voorraad van 12 weken voor zeeen landmacht. Latere aanvulling van dezen voorraad heeft geregeld plaats gehad door het putten uit den voorraad van de verplegingscommissie in de Stelling „Amsterdam".

Voor het opbergen dezer voorraden werden op 's Rijkswerf — behalve het bestaande graanpakhuis — nog een drietal tijdelijke bergplaatsen ingericht, die uitstekend voldeden.

Aan de schepen, die daarvoor in aanmerking kwamen, benevens aan de kustwachtposten, werden de mobilisatievoorraden levensmiddelen verstrekt, terwijl voor aanvulling van den mobilisatievoorraad in de Stelling werd zorg gedragen.

Een algemeene reserve-voorraad werd gevormd, terwijl voor periodieke verwisseling der voorraden bij de kustwachtposten, evenals in het Zuiderkwartier zorg gedragen werd.

De „ververschingsdienst" onderging geen veranderingen, daar de leveranciers, welke tijdig door den intendant gewaarschuwd waren, dat groote leveranties verwacht konden worden, onmiddellijk hun maatregelen getroffen hadden en in staat bleken aan alle aanvragen te voldoen.

Tengevolge van het naar Terschelling zenden van verschillende kleinere schepen en torpedobooten, was het noodzakelijk aldaar een afzonderlijke „ververschingsdienst" te organiseeren, waarmede een off. van adm. belast werd. Moeilijkheden werden daarbij niet ondervonden.

Toen evenals Terschelling, ook de eilanden Vlieland en Ameland kort daarop door marinetroepen werden bezet, werd voornoemde officier belast met den algemeenen dienst der levensmiddelenvoorziening van deze troepen en van de aldaar gestationneerde schepen.

Op deze eilanden werden verder depóts van levensmiddelen opgericht.

De latere bezetting van Schiermonnikoog werd ingekwartierd. Het voor de marine in Den Helder bestemde rundvleesch, dat

90