is toegevoegd aan je favorieten.

Tijdschrift voor Neerland's Indië jrg 16, 1887 (2e deel) [volgno 2]

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

9

een lijstje gemaakt van de vragen, die ik doen wilde, ten einde mijne nieuwsgierigheid niet te duur te laten betalen, en te toonen dat ik den tijd van anderen niet minder achtte dan dien van mij zeiven.

Mijne wandeling begon dan met de speldenfabriek. Ik vond den fabrikant op zijn kantoor met schrijfwerk bezig, en den hoed op het hoofd dien hij niet afnam, daar dit meer is dan het volstrekt noodzakelijke. Hij las mijn aanbevelingsbrief, maakte mij eene kleine buiging, en leide dadelijk, met de vertooning van zijn fabriek een aanvang makende, verschillende dozen met monsters open, van alle soorten van spelden die er vervaardigd werden: spelden voor het toilet, haarspelden, en spelden voor verzamelingen van insecten. Bij elke nieuwe doos vroeg ik naar den prijs. „ Zooveel", was het korte en bondige antwoord. Toen dit was afgeloopen, zeide hij mij: „Coine this way;" en meteen opende hij een deur die naar de werkplaats leide. Ik volgde hem.

Hij liet mij de eerste werkplaatsen omstandig zien, zonder mij te haasten. Terwijl ik alles bezag, sprak hij met de werklieden, en ontnam mij dus met de eene hand weder den tijd, dien hij mij met de andere gaf. Ik had dan ook maar zelden hem het een of ander te vragen. Een vreemdeling in alles wat kunstvlijt is, zou de werktuigen van een speldenfabriek bij den eersten opslag begrijpen. Zoo doorliep ik, terwijl hij mij volgde, maar mij niet vergezelde, de voornaamste werkplaatsen : de draadtrekkiug, waar men van een stuk koper zoo groot als een vinger, een draad zonder einde trekt, die zich in ontelbare cirkels om een cylinder windt; de werkplaats, waar vrouwen dezen zelfden draad in stukjes, van eenerlei grootte gesneden, uitleggen en recht buigen ; de plaats waar deze stukjes acht of tien voet lang, in duizend brokken worden gesneden zoo groot als de spelden moeten wezen: en die waar deze brokken, door handige werklieden bij pakjes opgenomen, op den slijpsteen puntig worden geslepen, waaruit dan duizend vonken springen.