is toegevoegd aan uw favorieten.

Nieuwe bijdragen ter bevordering van het onderwijs en de opvoeding, voornamelijk met betrekking tot de lagere scholen in het Koningrijk der Nederlanden, voor den jare ..., 1873, 01-06-1873

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Mengelwerk.

529

Vroeger jaren ginds en elders in gebruik. Ik woonde toen P een district, waar de schoolopziener ze zeer aanmoedigde en de onderwijzers er veel belang in stelden. Ze kadden op tweederlei wijze plaats. Somtijds begaf ket gekeele onderwijzersgezelschap , bestaande uit ackt leden, ziek in de school van dien onderwijzer, in wiens woonplaats men daarna de gewone maandelijksche vergadering zou kouden. Deze wist dus vooraf, dat hij dit bezoek had te Wachten en kon , zoo hij 't verkoos , de werkzaamheden daarnaar inrichten of zoo hij 'tbeter vond, zijn gewonen, dagelijkschen gang gaan. Tevens had men als een vaste Wet ingesteld , het werk geheel stilzwijgend te aanschouwen en zich zoo te plaatsen, dat de onderwijzer zich overal Vrij kon bewegen. Had iemand iets aan te merken of opkelderingen te vragen, dan werd daartoe naderhand gelegenheid gegeven in de vergadering. Openhartig en broederlijk had dit meestal plaats. Wat lof verdiende , werd geprezen en ter navolging aanbevolen. Konden de aanmerkingen, die men maakte, het werk verbeteren, dan werden ze mot dank ontvangen. Maakte iemand ongegronde aanmerkingen, dan werd dit hem minzaam onder het oog gebracht. De onderlinge eensgezindheid en toegenegenheid werd er dus zelden door verstoord, en won er meermalen bij. Zelden Verlieten wij die bijeenkomsten zonder iets goeds te hebben geleerd, dat onze navolging verdiende. Het goede uit de eene werd alzoo overgeplant in de andere school. Van vele gebreken werd het werk gezuiverd , en dit wel zonder iemand te kwetsen en beleedigen, „ Wie zich aan anderen spiegelt, spiegelt zich zacht", zegt het spreekwoord. Wij waren aUen zeer ingenomen met deze onderlinge schoolbezoeken. Waarom ze niet meer opgang gemaakt hebben of thans misschien wel geheel in onbruik zijn gekomen, begrijp 'k niet.