is toegevoegd aan uw favorieten.

Bijdragen ter bevordering van het onderwijs en de opvoeding, voornamelijk met betrekking tot de lagere scholen in Holland, 1810 [volgno 5]

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

I£ 6 M.. AANDELIJRSCH

ic;:jc, maar enkel zoude beftaan in het onderzoek naar de vorderingen der kinderen, en op dezelfde wijze als dagelijks in de fchool plaats had.

L'et dadelijk onderzoek werd daarop voorafgegaan door Plalmgezang , en vervolgens afgenomen door' den Onderwijzer zeiven. .

Onder het lezen werden door den Schoolopziener van tijd tot tijd vragen gedaan ter onderzoeking, of de leerlingen den zin, of de bijzondere daarbij voorkomende uitdrukkingen behoorlijk begrepen, of zij de daarin voorkomende perfonen of plaatlcn kenden, en ook de onderfcheideu taak declen, gedachten , tijden, wijzen, naamvallen enz. wisten op te geven.

De vorderingen in het kunstmatig lezen, werden bij voortzetting beproefd door de opgave van afwisfclendc lesien van vcrfchillende ftoifen, in dichtmaat en proza.

De vragen over de beginfelen der Rekenkunde en dcrzelver regelen werden niet alleen mondeling beantwoord, maar ook met een ftuk krijt op ten groot bord, door verfcheiden leerlingen in voorbceelden en bewerkingen aangetoond en opgehelderd: ten dmuelijken proeve, dat men ook hierin zich niet vergenoegde met bloot beoefende kunstbewerkingen, maar ook op het regte verltand en de. reden waarom zich toelegt.

Bij het onderzoek der vorderingen in de Aardrijkskunde werd de algemeene Wereldkaart ten onderwerp genomen; waaruit mede bleek, niet alleen, dat de kinderen daarin reeds aanmerkelijk waren gevorderd, maar ook dat zij de algemeene

pon-