Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

DE ROMAN VAN EEN SCHILDER

„Dat ei is bedorven," sprak de schilder en triomfantelijk zette hij 't terug in den eierdop.

Op zijn beurt nam Merker het ei in de hand en hield het voorzichtig onder den neus.

,,'t Ruikt anders nog versch," beweerde hij laconiek.

„Dat weet ik," zeide van Baerle. „Voor ieder ander is het een eetbaar ei, voor mij is het bedorven, oneetbaar. Daar ligt de knoop. In onzen modernen tijd heeft ieder mensch zijn kleine, onoverkomelijke angsten. Ook ik bezat een zekere mate van hypochondrie en met schrik bemerkte ik, dat de ziekelijke verschijnselen zich voornamelijk openbaarden, wanneer ik aan het schilderen was. Indien ik ooit een vruchtbaar artiest wilde worden, dan moest ik trachten voor mijn onberedeneerde gevoelens een afleiding te vinden. Dat heb ik geprobeerd en 't is mij gelukt ook. Al mijn vrees en al mijn twijfel verbande ik naar de eetkamer, mijn overmoed bewaarde ik voor het atelier. Zoo kon ik tenminste een tijdlang ongehinderd werken. Maar een gewoon ei kan ik niet verorberen, indien ik er vooraf niet een als oneetbaar heb afgekeurd."

„Een origineele gewoonte," stemde de planter toe.

„En hier!" vervolgde de kunstenaar, opspringend en naar een carton wijzend, waarop louter rechte lijnen elkander kruisten. „Wat is dit?"

Merker kneep zijn bijziende oogen dicht, om beter te kijken. Hij was gewend aan zulke snelle overgangen en vermaakte zich kostelijk met den zonderlingen betoogtrant van zijn vriend.

„Dat is een twaalfhoek, als ik mij niet vergis."

„Een twaalfhoek!" bevestigde de kunstenaar en het was, of hij den titel van een hem dierbaar gedicht herhaalde. „Een twaalfhoek! — Zegt die figuur je niets?"

De planter hield zijn hoofd wat scheef en trachtte een passend antwoord te bedenken, maar de ander liet hem den tijd niet, om aan het woord te komen.

„Zij spreekt van volharding en energie!" vervolgde hij in een rhetorische extase. „Eenmaal was er een moment, waarop ik door mijn leermeesters werd vrijgelaten en met

Sluiten