Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

DE ROMAN VAN EEN SCHILDER

door

JAN VAN LUMEY

(Vervolg)

Voor de eerste maal keken zij elkander aan; het was een lange, vriendschappelijke blik, die beiden kalmeerde. De commandant koesterde een warme genegenheid voor den officier, ofschoon hij hem pas sinds enkele weken kende en omtrent zijn socialistische opvattingen volkomen was ingelicht. Hij waardeerde in zijn ondergeschikte de eerlijkheid en de kracht zijner overtuiging, hij bewonderde zijn idealisme en zijn integriteit. En dan was er nog iets anders, dat hem aantrok — hij wist zelf niet wat. Ondanks de uiterlijke contrasten scheen er tusschen de twee mannen een onverklaarbare innerlijke verwantschap te bestaan. De aanwezigheid van den een stemde den ander aangenaam; het was, of zij uit dezelfde familie stamden en door gemeenschappelijke herinneringen verbonden waren; zij behoefden niet te spreken, doch begrepen elkaar met een enkel woord, een enkelen blik. Ook thans zweefde er een zachtere trek

Sluiten