Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

DE NACHTWAKE

door

W. M. EBBINK

Na zoo'n tweeden nacht van waken, van voortdurend wakker en oplettend blijven bij de zieke, kon ze niet meer. Twee nachten achtereen in stijgende afmatting door de worsteling met den slaap en overdag de beslommeringen van de huishouding van haar tante, bij wie ze inwoonde en die zoo ineens, onverwacht was gaan liggen, al bijna dood was nu. Haast geen oogenblik rust. Op de treuzelende dagmeid, die geen minuut langer bleef dan was overeengekomen, kon ze te weinig rekenen om gerust een dutje te durven doen. Ze voelde zich als gestoofd, kon geen derden nacht van waken ingaan. Daarom had ze haar zuster Marie gevraagd, of die haar 'ns voor een nacht wou aflossen, 't Kon de zieke niet schelen, als er maar geen verpleegster kwam. Hoe ellendig, hoe dicht bij haar graf ze ook was, die eeuwige zuurtoet, haar treiterend zuinige aard was nog wakker. Zacht-schor, maar toch nog met een intonatie van grimmigheid, had ze gezegd, dat ze 't geld voor zoo'n juffertje-steekneus wel konden besparen. Omdat, naar dokter's opluchtende verklaring, 't zoo lang niet meer zou duren, had Lise d'r niet

Sluiten