Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

EEN BEWOGEN VRIJDAG OP DE BREESTRAAT

gejammer hield op, men hoorde alleen nog het murmelen der biddende mannenstemmen.... De dokter, zelf grauw,

boog zich over het lijkbleeke gelaat De oogen zagen

hem zelfs niet meer aan.... Hij voelde den pols, — die was bijna weg....

„Duifje, Duifje l" fluisterde hij.... Een krankzinnige angst overviel hem. Nat van het zweet, voelde hij zich misselijk worden.... Hij wist het, het was te laat, hij had te lang gewacht, ze zou hem ontsnappen, ze zou onder zijn handen blijven....

„Duifje, om Godswil....!" Een flauwe glimp van een matten blik werd tot hem opgeslagen....

„Duifje....!" Op dat oogenblik had hij zijn patiënt lief.... Neen! zij mocht hem niet ontsnappen, het vreeselijke mocht niet gebeuren....! Het was hem alsof hij haar ziel moest vasthouden, dat die niet wegvluchtte van haar bleeke lippen....

En ineens verhief hij zich; hij werd kalm en nam een besluit. Nu moest het gebeuren.

Hij keek de baker aan. „Waar hebt u m'n instrumententasch gezet?" vroeg hij rustig.

„O God, o God!" mompelde de baker.

En het ging door het huis rond.... „De tang zal-ie gebruiken, de lepels.... Och weih. ... och weih!" En de menigte op straat hoorde het, en in de keuken hoorden ze het....

„Sjemang Jisroeëil, de tangen....! De instrumenten....! Wat zal er met mijn kind gebeuren!" weeklaagde de oude grootmoeder.

De kraamkamer was vol vrouwen, snikkende, fluisterende, saamklittende vrouwen. Toen Costa Gomez naar zijn instrumententasch wilde grijpen, struikelde hij er over een en viel bijna. —

Hij wees met zijn krommen vinger naar de deur. „Die wijven d'r uit!" zei hij.

En ze gingen, hoor; als hondjes, allemaal achter mekaar verdwenen zij. Bourbacki, in het voorhuis, triompheerde: ik d'r uit, zij ook eruit!

Sluiten