Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

BEELDENDE KUNST.

maanden te Rijssen, in Overijsel, met den schilder Briët; bij welke gelegenheden vooral figuur buiten en binnen werden geschilderd. Vervolgens kwamen strooptochten naar Laren en de binnenlanden van Noord-Brabant (Heeze), uit welke streken veel buit in lijn en kleur werd behaald.

Na het uitbreken van den oorlog ging de familie Zon naar Heeze en woonde daar in het bekende hotel van den heer J. van Dijk. Zon schilderde daar hoofdzakelijk binnenhuizen, waarvan er een werd aangekocht voor het Museum van Moderne Kunst in Den Haag, en hij raakte zijn werken in dien tijd behoorlijk kwijt, want toen moesten de menschen nog schilderijen aan den wand hebben en geen auto's op den weg zcoals nu. In die dingen uit den Brabantsehen tijd treft ons opnieuw de trouwhartigheid en de eenvoud waarmee de dingen zijn gezien, de zin voor evenmaat en compositie, het streven naar een volle, zuivere, verzadigde kleur, de beschaafde smaakvolle voordracht. Als verschil met de vroegere periode, zou ik zeggen, dat er nu een donkerder gamma in de stukken heerscht, dat de voorstelling meer tot een mineurtoon is afgestemd, dat er niet meer zoo'n uitbundige lichtmelodie in klinkt, hoezeer ook in de vroegere werken een meer omfloerste, omhulde, omnevelde toon niet zelden voorkwam. Maar er is een soort van tempering en kentering van allegro con brio tot allegretto en moderato, en het diapason is ernstiger gehouden zonder dat dit den sonoren klank afbreuk doet.

In Heeze bleef Zon tot 1918 en ging toen, na nog een tijd lang in en om Eindhoven te hebben gewerkt, naar Bretagne, waar hij voornamelijk in Concarneau, Douarnenez en PontAven studeerde. Volgens den schilder zelf spant Concarneau verreweg de kroon met zijn heerlijk transparant en ijl licht, met de prachtige Bretonsche zeerobben die op den dijk of de golfbrekers loopen met hun blauwe baadjes tegen de blauwe zee, met de sierlijke, ranke vaartuigen, uitgaande ter vangst van sardijnen en tonijnen, en wier kleurige, fleurige zeilen geschakeerde vlekken werpen in de van licht gedrenkte ruimte. Vooral in de vroegte, tegen het aanbreken van den dag, en bij zonsondergang, is dat alles van een

Sluiten