Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

LENTE-AVOND

voelde vreugde noch smart. Zij luisterde alleen nog maar. Bij zacht weer drongen de dorpsgeluiden door het geopend venster tot haar door: 't roezen der kinderen bij 't aan- en uitgaan van de school; des Dinsdags 't stappen van de boeren, die met hun loeiend vee naar de markt trokken, en 't ratelen van hun hoog-gewielde karretjes; op Zondag de schuifelende passen der kerkgangers. Was bij koude, storm of kletterenden regen 't raam gesloten, dan kon ze de huisgeluiden onderscheiden: het schrobben van de gang op Zaterdag; 's Maandags het galmen van Sientje, die haar vreugde over den genoten Zondag uitte. En het leven toog langs Erica Jansson heen zonder haar te beroeren, gedurende al de jaren, dat zij daar ziek lag, op de van Dr. Benriks gehuurde kamer, waar zij verpleging genoot. Zoo, meende men, kon zij rustig ziek, zijn en sterven. Maar dat laatste bleef lang uit, — heel, heel lang, vond ook Erica.

De auto voor het witgekalkte, donkergroen-geluikte burgemeestershuis snorde en trilde. De burgemeester en zijn jonge, chique vrouw gingen uit. Zij gingen haast eiken avond uit, nu Joost je, hun eenjarige stamhouder, moeder voor zijn voeding niet meer behoefde. Zij kwamen eerst terug, wanneer in 't geheele dorp de lampen en schaarsche straatlichten gedoofd waren en de menschen sliepen onder de beschermende daken.

„Dat burgemeester zoo'n schaap maar thuis laat bij de meiden, is me een raadsel! En die moeder heeft 'n hart van steen!" zei meesters vrouw, gelijk eiken avond wanneer ze den auto hoorde.

,,Je kunt er niets aan doen, Dina, die menschen zijn eenmaal zoo. En wat is, dat kun je niet veranderen." (Meester had als kweekeling in 't geheim Multatuli gelezen.)

„Rol je servet op, lieve," sprak zijn vrouw en begon de tafel af te ruimen.

De drie blonde dochtertjes stonden tegelijk op en hielpen moeder 't servies naar de keuken dragen. Meester stak zijn lange Duitsche pijp aan en wandelde op zijn pantoffels, door Dina geborduurd, den tuin in. De tulpen rechtten zich roerloos op hun stengels. Zij hadden de bloem geslo-

Sluiten