Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

<I 3° >

het leeven aan haaren vriend kon weedergeeven. De. zwarte man haar haare onvoorzigtigheid hebbende verweeten, en haar zweerende , dat het kwaad onherftelbaar was , overlaadde Johanna hem met fchcldwoorden, en befchuldigde hem van de oorzaak haarer oitzinnigheeden te zyn; zy behandelde hem, als eenen verleider, dreigde hem , naavorfchingen ten zyuen lasten te zullen doen, om te weeten, wie hy was, (want zy was niet zwak genoeg, om hem een booveunatuurlyk weezen te gelooven,) fprak van hem aanteklaagcn, en eindigde , met hem te verbieden , van zich nooit aan haare oogen te vertoonen. De. zwarte man, die, inooglyk, eene evenluidend geneugte moede was, es wien nieuwe misdaaden eene nieuwe minnaaJesfe hadden bezorgd, wanhoopig, van Johanna te bevreedigen, die hy, nochtbans, .lief had, befloot, op het ocgenbilk, om zich aan haare klagten, vcrwytingen en wraak, dio zy zich voorftelde, -omwend zyne verdervende inblaazingen te zulleu neemen, te

ont-

Sluiten