is toegevoegd aan je favorieten.

Over het euangelie van Joannes.

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

EUANGELIE van JOANNES. H. XIV: 27. m

meer de gedaante van eene affcheidsgroet of affcheidsze. gen, en die ftrookt veel meer met zijn voorige gezegden. Hij meldde in deeze troostredenen niet zoo zeer van zijn dood, althans Hij fprak er niet van onder dat akelig denkbeeld, en als of zij Hem altoos zouden misfen, maar onder het denkbeeld van het heenen gaan van een vriend, die, maar voor een tijd, van hun fcheidde. De uitdrukking, mijnen vrede geef ik U, laat zich ook veel gevoeglijkerverklaaren, in opzicht tot eene vredegroet, dan tot een uiterfte wilsbepaaling, waar bij vrede zou befproken worden, en de bijvoeging: niet gelijkerwijs de waereld [hem] geeft, geeve ik [hem] U, zou vreemd en zonder nadruk zijn; want de waereld befpreekt nooit bij een uiterften wil heil en vrede , maar wel wenscht men eikanderen heil en vrede toe. De groet nu, of wensch ;vrede zij U, was onder de Joden zeer gewoon, niet alleen bij onderlinge ontmoetingen, maar ook bij het fcheiden van el« kanderen, Exod. IV: 18. i Sam. I: 17. Mare. V: 34. Luc. VII: 50. VIII: 48. Hier van , dat deeze wensch ook fomtijds in het flot van de Brieven voorkomt , 1 Petr. V: 14, in de %de Brief, van Joannes vs. 15. en niet in den zin vanzyV gegroet; want de wensch Vrede zij U', wordt bij de groetenis, als daar van onderfcheiden, gevoegd.

Dus zien wij hoe gevoegelijk deeze woorden volgen op de voorgaande; en jesus daar mede zijne troostredenen befluit; want na zijnen Discipelen alles, wat hen tegen zijn vertrek bemoedigen kon, gezegd te hebben, bleef er niets over, dan dat Hij, van hun zullende fcheiden, hun nog de affcheidsgroet gaf.

Dan ; fchoon Hij op de gewoone affcheidsgroet doelt, bevatten echter zijne woorden veel meer dan

dan