is toegevoegd aan je favorieten.

Schubart. Door hem zelve geschetst. In de gevangenis opgestelt.

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

52 ZEVENTIENDE

van veeicrt. Ik hield voorleezingen over de fraaie weetenfcbappen en kunften. Io mijn huis had ik bijééakomftcn, van geleerden en kunftenaa-s. Ik zag de nieuwfie fchriften en mufiek» flukken. Ik beoefende fchilderijen, gedenkpenningen, kunstprinten, en handtekeningen. Ik doorfnuffelde gebouwen, manufactuuren, biblio* theeken en kunstzaalen. Ik oatfing vreemdelingen, en gaf bezoeken; fchrijvende onder alles, mijne Ktonijk voort, met fteeds toeneemt Je goedkeuring. Ik fchreef ook Voorredens, Inleidingen tot andere werken, en gedichten in menigte, bij voorkomende gelegenheden, of zonder dezelve, dan eens goed, en dan eens flecht, naar dat mijn geest geftemd was Eenige jonge kooplieden verzogten mij om eene Encyclopedie, naar bunue vatbaarheid. Ik beloofde het. Men fchreef, 't geen ik daarvan opgaf, zeer verminkt, bij eikanderen. Eeu boekverkooper te munster, gaf het, zoo verward en ellendig als het was, met veel vreemde bijgevoegde aanmerkingen, in het licht, naar dat ik reeds gevangen zat. Het was eene waare marteling voor mij, dit droevig geraamte onder het oog< te krijgen. De Heeren Recenfenten wisten de treurige ongelegenheid, waarin ik mij bevondt, en- waren, evenwel, inzonderheid de

Al-