Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

25

aangespoord of er zich over verheugden. En zie, dat waarderingsverschil, nu niet van één feit door twee mensen, maar van twee overeenkomstige feiten door één mensegroep, kan ik mij lot nu toe maar niet goed verklaren, en ik heb daar de hele week zó over lopen prakkizeren, dat ik geen kans zie, onze gezellige gedachtewisseling over wat marxisme is en wat katholicisme is, verder uit te spinnen, vóór ik 'n poging heb gedaan, dit miniatuur-probleempje altans 'n heel klein beetje tot klaarheid te brengen. Ik dacht eerst, de verklaring van het raadsel te kunnen vinden in de omvang van het gebezigde geweld: in Limburg is geslagen en getrapt, en raak ook, terwijl in Amsterdam alleen maar met stenen is gegooid, en naar het schijnt, niet raak, of niet erg raak tenminste, anders hadden we er wel meer van gehoord'. En in Limburg betrof het in hoofdzaak een vrouw, en in Amsterdam in hoofdzaak kinderen (altans volgens onze berichtgever: als ik lieg, lieg ik in kommissie), maar in dat alles kan het onderscheid toch niet liggen, want een principieel verschil tussen een bewerking met schoenzolen of een dito met keistenen (of waren het maar klinkertjes?) is toch moeilik aan te nemen. En partijdigheid kan hier toch óók onmogelik in het spel zijn, want of het tegen Colijn of tegen Albarda gaat, laat ons K.P.H.ers natuurlik siberies koud, en dus moet het 't wel ergens anders in zitten, maar waarin dat dan mag zijn, is me nog altijd 'n raadsel, en als iemand van mijn lezers me soms aan de oplossing kan helpen, houd ik me aanbevolen.

Het ongelukkige is, dat aan kleine problemen altijd grote problemen vastzitten, want al slaag ik er nu misschien wel in, dat keistenen-schoenzolen-raadsel uit mijn moegepijnigd hoofd te zetten, dan blijft toch nog de vrij wat rnoeiliker vraag over: in hoeverre is geweld een deugdelike en noodzakelike vorm van de strijd voor het kommunisme? en op die vraag had ik zoeven eigenlik het oog, toen ik er de wijze Nathan bijhaalde. En het moeilike van die vraag ligt voor een groot deel hierin, dat de grens tussen stoffelik en geestelik geweld zo moeilik te trekken is: niet stokken en stenen alleen zijn geweldmiddelen, maar schreeuwen en schelden evenzeer. Ja, welbeschouwd, is niet-luisteren-willen de meest hatelike en onredelike geweldenarij, die de gedachtestrijd kan ontsieren.

Dus nóóit vechten, nóóit schreeuwen, nóóit niet-luisterenwillen? Maar dan wordt de klassestrijd een zoetelik gedebat-

Sluiten