is toegevoegd aan uw favorieten.

De talen in het nieuwe Europa

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

selijke, meestal Gallische woorden voorkomen, en verder een vrij groot aantal Germaansche, overgenomen in den tijd van de invallen, ook Arabische, en eindehjk Italiaansche, Spaansche, Engelsche, Slavische, enz. Nochtans is de voornaamste bron van den Franschen woordenschat het geschreven Latijn, waaraan bijna alle abstracta ontleend zijn: het Latijnsche woord causa is in het Fransch chose geworden, in zoover als het Fransch een. onafgebroken voortzetting van het Latijn is; maar in zijn wijsgeerige beteekenis is causa aan het geschreven Latijn ontleend en heeft het Fransche cause opgeleverd, dat van de wijsgeerige in de gewone dagelijksche omgangstaal is overgegaan.

Evenmin als de Fransche grammatica op- de gemeenschappelijke Indogermaansche gelijkt, evenmin stamt de Fransche woordenschat rechtstreeks af van den Indogermaanschen; en de wegen, die de Indogermaansche woorden gevolgd hebben om tot het Fransch te komen, zijn eigenaardig verschillend: pére komt door een onafgebroken overlevering van het Indogermaansch; parler is in het Fransch gekomen langs den weg van het Grieksch; chac langs dien van het Keltisch, choisir langs dien van het Germaansch. Aan den anderen kant zijn er woorden, die niet van Indogermaanschen oorsprong zijn; zoo is he talgemeen gebruikelijke woord gêne (gehenna) van Hebreeuwschen oorsprong.

Men ziet nu in welken zin, op welke wijze en onder welk voorbehoud het geoorloofd is te zeggen, dat het Fransch een voortzetting is van het Indogermaansch.

De tegenwoordige waarde van een taalverwantschap variëert tot in het oneindige. Zij verschilt naar gelang den graad van verandering, dien iedere taal bereikt heeft: de verwantschap van het Spaansch en het Italiaansch heeft meer actueele waarde dan bijvoorbeeld die van het Italiaansch en het Fransch; de verwantschap van de Slavische talen heeft meer actueele waarde dan die van de Romaansche onderling; en zoo verschillen de gevallen. De waarde van een taalverwantschap kan tót nul gereduceerd worden.