Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

O, MENSCH, WIE GIJ ZIJT!

Daarom zijt gij niet te verontschuldigen, o mensch, wie gij zijt, die [anderen] oordeelt; want waarin gij een ander oordeelt, veroordeelt gij u zelf, want gij, die [anderen] oordeelt, doet dezelfde dingen.

En wij weten, dat het oordeel Gods naar waarheid is over hen die zulke dingen doen.

En denkt gij dit, o mensch, die oordeelt hen, die zulke dingen doen, en ze doet, dat gij het oordeel Gods zult ontvlieden?

Romeinen II : 1—3.

Gods onzienlijkheden, die nochtans voor zijn menschen kenbaar zijn, zijn eeuwige kracht, zijn aanbiddelijke goddelijkheid, waren van de schepping der wereld af door den geest des menschen te kennen, te verstaan, te doorzien; de heerlijkheid Gods straalde ons door zijn schepselen toe, zoodat het volheerlijke Goddelijke Wezen voor ons niet verborgen was, maar Zich in Zijn Schepping openbaarde, afgezien nog van zijn gesproken Woord. Zoo werden wij, menschen, zonder onderscheid, aangelokt, opgewekt, geroepen, tot aanbidding, lof en dankzegging van onzen God in het aanschouwen van al zijn werken, Hem dienende naar zijn goddelijk welbehagen over ons. In de verheerlijking Gods zouden we zelf verheerlijkt worden, en Gods Schepping met en in ons.

Maar wij, menschen, hebben Hem verzaakt; we hebben Hem verzaakt; we hebben Hem niet verheerlijkt en gedankt; we zijn daarheen gegaan, zonder den eeuwigen God te erkennen, goddeloos, en in onze ongerechtigheid hebben we de waarheid verstikt.

Daarom is de toorn Gods geopenbaard over de menschen. Ze zijn overgegeven, verduisterd, verijdeld en onteerd; verzonken in dwaasheid; eerende het schepsel, het gedierte; en onteerende elkander en zichzelf tot in de laagste schanden, tot in de snoodste levensverhoudingen; spottend met het oordeel des doods der goddelijke vervloeking, die wij nochtans beseffen, door stout de ongerechtigheid te doen, ja een welgevallen te hebben in hen, die ze doen (Rom. 1 : 18—32).

Deze openbaring van Gods toorn geldt allen menschen.

Zeker, de doorwerking der ongerechtigheid wordt vooral in de heidenwereld aanschouwd, bizonder in het Romeinsche rijk, in het Rome der keizers. En daar wordt dan ook de toorn van God schrikkelijk openbaar in de ellendigste en schandelijkste verhoudingen, in

Sluiten